In de industrie bewijst slim databeheer al langer zijn nut. Nu ontdekt ook de wereld van de mobiliteit de voordelen. Van leasemaatschappijen tot pechverhelpers, van verzekeraars tot constructeurs, allemaal lanceren ze tools en apps om efficiënter de baan op te gaan.

Daar sta je dan, achter een vangrail op de autostrade, wachtend op een pechverhelper. Klinkt herkenbaar? Dan is er goed nieuws, want in de toekomst zal dat scenario zich hoe langer hoe minder voordoen. Auto’s zullen immers steeds meer en beter met elkaar en met hun chauffeurs, constructeurs en garagisten communiceren, waardoor meer motor- en andere pannes vermeden zullen worden.

Vanop afstand storingen analyseren
Nu al beschikken wagens die na 2000 zijn gebouwd standaard over een diagnosestekker (OBD), waarmee de garagist snel de technische storingen in een auto kan opvragen. “De volgende stap is dat bijvoorbeeld een bijstandsverlener rechtstreeks en vanop afstand de storingen analyseert”, vertelt Filips Emsens van VAB Telematics, “en vervolgens de chauffeur preventief voor een herstelling oproept.” Zo bespaar je heel wat op je autokosten.

 

Software voor rijstijlanalyse installeren we nooit in firmawagens die de werknemer privé mag gebruiken Stijn Stragier

 

Besparing door goed management
Dat slim wagenbeheer tot besparingen leidt, hebben ook werkgevers en leasemaatschappijen al ondervonden. Meestal onderhandelen die over contracten van vier à vijf jaar en/of voor 120.000 à 150.000 kilometer. Om te verhinderen dat de auto’s die aantallen overschrijven en de restwaarde van de wagens te sterk vermindert, worden de kilometerstanden nauwgezet in de gaten gehouden. Aan werknemers met jaarlijks 40.000 kilometer op de teller vragen werkgevers dan bijvoorbeeld om na twee jaar hun auto te wisselen met een collega die er jaarlijks slechts 20.000 rijdt.

Rijgegevens voor de werkgever
Nog verder gaan ze bij GeoDynamics, dat een tracer op de markt bracht waarmee bedrijven kilometerstanden, rij- en werktijden van werknemers op locatie én rijstijl kan monitoren. Dat laatste ligt weliswaar gevoelig. Bestuurder Stijn Stragier: “Laten we duidelijk zijn. De software voor rijstijlanalyse zullen we nooit installeren in firmawagens die de werknemer privé mag gebruiken.” Wel kom je ze tegen bij de bestelwagens en camionettes die enkel tijdens de werkuren de baan op gaan en waar verschillende werknemers mee rijden. Controle door de werkgever is in dat geval (meer) te rechtvaardigen.

Opleidingen en apps voor defensief rijden
Meten en weten is één ding, de allergrootste uitdaging komt daarna: het rijgedrag van chauffeurs bijsturen. Emsens: “Bij VAB rijschool bijvoorbeeld, bieden we opleidingen rond defensief rijden aan, op maat van de chauffeur/werknemer en gekoppeld aan een monitoringssysteem. De werknemer kan zo zelf zijn evolutie volgen via een app.” Werkgevers krijgen de individuele scores van werknemers niet onder ogen, maar ontvangen een gemiddelde rijstijlanalyse voor (een deel van) de vloot. Die gegevens gebruiken sommige bedrijven om een bonus toe te kennen, bijvoorbeeld wanneer het brandstofverbruik van het volledige wagenpark gedaald is.

 

De volgende stap is dat een bijstandsverlener rechtstreeks en vanop afstand storingen analyseert Filips Emsens

 

Verzekeraars haken (toch) af
Wie die rijstijlanalyses eveneens interessant vinden, zijn de verzekeraars. Met die informatie weten ze immers wie (on)veilig rijdt en dus een hogere of lagere premie moet betalen. Alleen de business case erachter blijkt voor verzekeraars nog een uitdaging. Het systeem vraagt immers een aanzienlijke investering, terwijl het niet zo duidelijk is welke inkomsten er tegenover staan. Tekenend is de reactie van verzekeraars AG Insurance en Baloise. In een artikel in De Standaard van 31 maart gaven ze beiden aan dat ze de optie bestudeerd hadden, maar er uiteindelijk niet mee verder gingen.

Data driven fleet management minder vanzelfsprekend
Als het voorbeeld van de verzekeraars één ding duidelijk maakt, dan is het wel dat data driven fleet management minder vanzelfsprekend is als sommigen ons doen geloven. Dat data in de toekomst een véél belangrijkere rol zullen spelen op onze wegen, lijkt waarschijnlijk. Maar welke rol dat zal zijn en of de ontwikkelingen een hoge vlucht zullen nemen, is moeilijker in te schatten.

Afhankelijk van toekomstige keuzes
Veel hangt af van de keuzes die de wetgever, de constructeurs en andere betrokken partijen zullen maken. De wetgever bijvoorbeeld zal moeten uitklaren van wie die data nu precies zijn en wat ermee mag gebeuren. De constructeurs zullen moeten beslissen in welke taal ze hun wagens laten praten. Houden ze vast aan de eigen technologie of stappen ze over op een taal die voor elk merk dezelfde is? Pas wanneer ze voor die laatste optie kiezen, komt het connected cars-verhaal écht dichterbij.