Tom RoelantsAdministrateur-generaal bij Agentschap Wegen en Verkeer

Vlaanderen groeit, onze steden groeien. En meer mensen betekent meer verplaatsingen. 53 procent van die verplaatsingen doen we als autobestuurder. Zes procent meer dan tien jaar geleden. Een zorgelijke tendens of niet?

Volgens de Studiedienst van de Vlaamse Regering (SVR) zal de bevolking de komende tien jaar in de meeste Vlaamse steden en gemeenten blijven groeien. Hierdoor zullen de grenzen tussen ‘stad’ en ‘buitengebied’ vervagen. De verstedelijkte omgeving wordt groter, wat al te zien is in de Vlaamse ruit (grootstedelijk gebied rond Antwerpen, Leuven, Brussel en Gent, red.).

Auto > fiets
Verstedelijkt en koning Auto heerst. Het laatste onderzoek over ons verplaatsingsgedrag, van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken, toont namelijk aan dat de modal shift nog niet is ingezet. We fietsen minder, we gaan minder te voet en minder met de bus. Zelfs verplaatsingen van meer dan 600 meter doen we voornamelijk met de wagen. Mijn wagen, mijn vrijheid. Het blijft dus een ingebakken concept bij de Vlaming, ook in de stad. Toch zetten onze steden zich hard in om de zogenaamde ‘zachte mobiliteit’ aantrekkelijk te maken. Autoluwe stadscentra, ruimte voor voetgangers en fietsers en een aantrekkelijk openbaar vervoersaanbod.

Efficient door de stad
Ook zien we dat de visie van de stadsinwoner op mobiliteit toch stilaan aan het veranderen is. Waar vroeger het individuele wagenbezit een statussymbool was, gaan we nu veel losser om met mobiliteit. Waarom nog investeren in een dure wagen die het merendeel van de tijd op je oprit staat? Net doordat onze steden de laatste jaren fors hebben geïnvesteerd in veilige voetpaden en fietsverbindingen en goed openbaar vervoer, is de wagen niet het meest efficiënte vervoersmiddel in een stad. Autodeelgroepen schieten als paddenstoelen uit de grond en het bezit van een bakfiets is geen rariteit meer.Bovendien worden onze mobiliteitssystemen slimmer, veiliger en autonomer. De technologie evolueert ontzettend snel. Systemen zoals Uber zorgen er nu al voor dat je in Brussel met één klik op de knop vervoer op maat kan regelen. Over enkele jaren stappen we misschien samen in een autonome wagen die ons van Deinze naar de rand van Antwerpen brengt, waar een deelfiets staat te wachten om de laatste drie kilometer te overbruggen.

 

Doordat steden fors hebben geïnvesteerd in veilige voetpaden, fietsverbindingen en goed openbaar vervoer, is de wagen niet altijd het meest efficiënte vervoersmiddel

 

Optimale mobiliteit
Door deze verschuivingen vervagen de grenzen tussen de stedelijke mobiliteit en die tussen verschillende steden. Het is dan ook de taak van de Vlaamse overheid om deze verschuivingen naar een hoger niveau te tillen en op ruimere schaal te faciliteren. Ongetwijfeld betekent dat ook dat bijvoorbeeld het Agentschap Wegen en Verkeer niet langer zijn gekende rol zal spelen, maar naast wegbeheerder ook de rol van regulator en facilitator van de verschillende verkeerssystemen zal opnemen. Spelregels vastleggen voor iedereen die zijn diensten zal aanbieden op het wegennet zal een van de nieuwe taken van de Vlaamse overheid worden. En zo nog beter de missie ‘vlotte, veilige en duurzame mobiliteit voor alle weggebruikers’ kunnen realiseren.