Van geld tot organisatie: hoe begin je aan vrijwilligerswerk?

Aan een zwembad liggen kan plezierig zijn, maar de wereld verbeteren doet het niet.Dat ligt helemaal anders bij de mensen die hun vakantietijd spenderen aan vrijwilligerswerk in het buitenland. En het aantal minderjarige vrijwilligers blijft stijgen, vooral bij jongeren tussen 15 en 17 jaar. Maar hoe gaat dat nu eigenlijk in zijn werk?

Door Joran M.C. Simoens

In 2016 schreven 20 procent meer jongeren zich in bij WEP voor vrijwilligerswerk in het buitenland en 10 procent meer bij Bouworde. Bij minderjarige jongeren tekende zich zelfs een stijging op van 30 procent. Vrijwilligen is met andere woorden populairder dan ooit. Het is dan ook op alle vlakken een topkeuze. Of je nu voor een klas staat in Afrika of aan dierenzorg doet in Australië: jij offert je vrije tijd op om andere mensen een handje toe te steken zonder er iets voor terug te vragen – buiten misschien de glimlach op hun gezichten. Desondanks is het geen doordeweekse onderneming die je (zeker als tiener) soms hoofdpijn kan opleveren. Uiteindelijk maak je liefst geen fouten wanneer je aan de andere kant van de wereld belandt, of wel?

Geldstroom
Eén van de grootste drempels is – zoals zo vaak – het geld. Terwijl je in België geen aansluitkosten moet betalen als je je aanmeldt bij vzw’s zoals Oxfam of het Rode Kruis, ligt dat in het buitenland toch anders. Organisaties appreciëren je hulp enorm, maar toch is er een grote investering noodzakelijk. Je verblijf en maaltijden zijn in Afrika of Azië nu eenmaal niet gratis. Jeske Cloin, Nederlands Directeur van Projects Abroad, één van de grootste vrijwilligerswerkorganisaties van de wereld, legt uit: “Op onze website is een gedetailleerde beschrijving en diagram te vinden die laat zien waar het geld naartoe gaat. Het meeste gaat naar de directe kosten ter plaatste, verzekeringen en 24/7 lokale begeleiding… Daarnaast wordt het geld ook gebruikt om bijvoorbeeld schoolspullen of bouwmateriaal te kopen ten behoeve van het project. Er gaat ook een deel van het geld naar indirecte kosten, die ontstaan bij het organiseren van vrijwilligerswerk en naar ontwikkeling. Wij vragen geen bijdrages van onze partnerorganisaties dus al ons werk wordt volledig gefinancierd door de bijdrage van vrijwilligers. “

 

We hebben vaste medewerkers die je altijd zullen helpen - Jeske Cloin

 

Lokale economie steunen
Zelfs al betaal je soms veel geld voor je liefdadigheid, verwacht geen zwembad met butler. Vaak kom je terecht bij een zorgzaam gastgezin dat zich over je ontfermt en ook je werkplek wordt gerund door gemotiveerde lokale mensen die jou zullen begeleiden. Bezorgde ouders vragen zich dan wel af of hun zoon of dochter niets tekort zal komen, maar zij hoeven niets te vrezen. “Bij gastgezinnen moet er een watervoorziening zijn, sanitair en een of meer aparte slaapkamers voor de vrijwilligers”, vertelt Jeske Cloin. “Ook moet het gastgezin goede voorzieningen hebben om de maaltijden te bereiden voor de vrijwilligers. Qua begeleiding hebben we op elke plek ook een kantoor met vaste medewerkers bij wie je altijd terecht kan als er problemen zijn.”

Met wie ga je mee?
Staat je besluit vast en wil je de wereld verbeteren, dan stelt zich de vraag met welke organisatie je best meegaat. Eva Hambach van het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk raadt alleszins aan voldoende research te doen. “Sommige mensen zijn heel enthousiast en klikken op het eerste dat ze tegenkomen, maar dat is natuurlijk niet altijd de beste manier. Kijk bijvoorbeeld naar de soort organisatie. Een vzw is bijvoorbeeld een goeie keuze omdat hun objectief is om te helpen, en niet om goed geld te verdienen. Goeie voorbeelden zijn United Nations Volunteers of met Vlaamse organisaties zoals Bouworde of Via.”

 

Een vzw wil geen geld verdienen, maar helpen. Vaak is dat de beste keuze - Eva Hambach

 

Voluntourism
Van organisaties die grote bedragen vragen van vrijwilligers, is Hambach geen grote fan. Daar zitten vaak commerciële bedrijven achter die zich meer focussen op het geld dan op de hulp. Die organisaties mikken meestal op voluntourists (mensen die vooral willen opscheppen op sociale media red.) en vragen daardoor veel te veel geld. “Vanaf je duizenden euro’s moet betalen, heeft het maar weinig meer met vrijwilligerswerk te maken”, zegt ze. “Onkosten kunnen er zijn, maar als een organisatie tweeduizend euro vraagt voor een week Argentinië zonder vliegtickets, visum en andere zaken inbegrepen kan je financieel gezien toch best naar alternatieven zoeken.

Andere opties
Wie inderdaad liever een alternatief wil, hoeft niet lang te zoeken om toch mee te helpen aan een betere wereld. Een voorbeeld daarvan is, zoals eerder in dit artikel, Bouworde. In dezelfde trend heb je ikporan.org, makemesmile-kenya.org, en nog vele anderen. Hierbij moet je nog steeds betalen, maar de kosten zijn een pak minder dan bij grote vrijwilligerorganisaties. Als je het nog steeds te duur vindt en liever met zo weinig mogelijk middelen de wereld intrekt, surf je best naar sites zoals workaway.info, hovos.com of WWOOF.net. Zij brengen je rechtstreeks in contact met burgers van over heel de wereld waarbij je een paar uur per dag werkt in ruil voor accommodatie en eten, maar dan wel zonder verzekering en andere ondersteuning. Zoals je ziet: voor ieder wat wils dus!