Zeven uur ‘s morgens. De wekker gaat af. Tijd om op te staan. Een kwartiertje later zet u wat koffie en perst wat verse sinaasappels. Dat is uw dagelijkse routine. Tegelijk bereidt u snel een slaatje met tomaten voor de middaglunch. Weet u veel dat uw kleine vleestomaat misschien uw koffie heeft gezet? Althans: dat de groente indirect voor de stroom van uw Nespressomachine gezorgd heeft?

Heerlijk serreweertje
Boechout midden januari 2015. IJzig nat en donker weer verpest een aangename autorit doorheen de Vlaamse velden. Eens aangekomen bij het 47.000m² grote tomatenbedrijf A&D Naenen begroet eigenaar Danny Naenen hartelijk in t-shirt met korte mouwen. Gek? Nee. Al gauw blijken handschoenen en pullover volledig overbodig. In de serre van het familiebedrijf heerst namelijk een aangenaam lenteweertje van een constante 23-24 graden dag en 17 nacht. Waarom? Simpel. Dit is de ideale temperatuur om tomaten te kweken

Warmte en elektriciteit tegelijk
De temperatuur constant houden kan op verschillende manieren, maar vaak maken tuinders gebruik van een warmtekrachtkoppeling (WKK). Dat is een systeem waarbij aardgas een thermische centrale bedient en zo tegelijk warmte en elektriciteit opwekt. “We voorzien in onze eigen verwarming”, verklaart Naenen. Dit zou ongeveer een derde aan aardgas meer besparen dan wanneer de warmte en elektriciteit afzonderlijk zouden verwekt worden.

 

Ikzelf produceer ongeveer driemaal meer dan wat Boechout gemiddeld verbruikt – Danny Naenen

 

Marge verruimen op energievlak
Maar vanwaar toch het idee om dergelijke constructie in eigen beheer te nemen? Gestegen energieprijzen en het Vlaamse land- en tuinbouwbeleid lieten de voorbije jaren vele tomatentelers deze stap zetten. “Aan de nettoverkoopprijs van tomaten is relatief weinig veranderd de laatste jaren”, legt Maarten De Moor van LAVA, de overkoepelende organisatie van de Belgische fruit- en groenteveilingen, uit. “Waar kan je de marge dan nog verruimen? Dit gaat enkel op energievlak.”

Concurrenten van energiereuzen
Danny Naenen bevestigt dit. “De mensen denken dat we onze eigen stroom maken. Dat klopt, maar we verbruiken maar drie procent. 97 procent verkopen we op het net.” Een beetje zoals je beursaandelen online kan volgen, beschikt Naenen over allerlei software om de elektriciteitsdagprijzen in het oog te houden. “Ikzelf produceer ongeveer driemaal meer dan wat Boechout gemiddeld verbruikt.” Toch een gemeente met 12.000 inwoners. De verkoop van warmtekrachtcertificaten helpt mee om de enorme investering terug te betalen. De Vlaamse tuinbouwers zijn in feite een kleine concurrent van een energiereus als Electrabel geworden.

 

De tomatenkweker kan zijn marge enkel verruimen op energievlak – Maarten De Moor

 

Koolstofdioxide is voordeel
Naast de constante warmte levert de WKK nog een enorm voordeel voor de tomatenteler op. “In een serre is de lucht armer aan CO2 dan buiten omdat de planten CO2 opnemen”, verduidelijkt de tomatenteler. “Daarom doseren we extra CO2 om de fotosynthese te stimuleren.” CO2 hoort dus rechtstreeks bij de energievoorziening door WKK, want het komt via een katalysator uit de uitlaat van de motor, verdeeld langs een ondergronds kanalenstelsel. Dit zou voor 10 tot 20 procent extra vruchtgewas verantwoordelijk zijn.

Warmte, water, CO2 en…licht
Naast warmte, water en CO2 is licht het laatste belangrijke element om een gezonde plantengroei te garanderen. “Eén procent licht is ongeveer één procent extra productie”, weet Naenen. De glastechnologie zelf wordt verbeterd. En dus maakt men nu het glas diffuser. De zonnestralen vallen nu niet meer rechtstreeks op de tomaten, maar worden verdeeld. “Je hebt geen schaduw meer. Wel weerkaatst dit speciale glas teveel stralen. Daarom is er een extra coating opgelegd om dit te voorkomen.”

Innoveren en concurrentieel blijven
Wie 50 jaar geleden had durven stellen dat tomaten kweken ooit zo’n hoogtechnologische onderneming zou worden, werd voor zot verklaard. Alfons Naenen startte in 1965 op dezelfde locatie met 3.000 m². Dus de totale oppervlakte is meer dan vervijftienvoudigd in 50 jaar. Een tuinder moet zoals de sterke investering in de WKK aantoont, voortdurend innoveren om concurrentieel te blijven. Zo kon je vroeger ’s winters bij gebrek aan licht amper tomaten kweken. Ondertussen is dat euvel – en belangrijk concurrentieel nadeel op Zuid-Europa –gedeeltelijk verholpen.