Architect, ondernemer, gastspreker en nog veel meer. Allemaal van toepassing op Thomas Rau. De Duitse Nederlander heeft revolutionaire opvattingen over hoe wij ons economisch systeem of eigenlijk onze volledige maatschappij zouden moeten herinrichten. Een gesprek.

Een circulaire economie fungeert volgens Thomas Rau slechts als een deel van de oplossing voor problemen als klimaatverandering en de verspilling van grondstoffen. Het idee van een economie waarin alles herbruikt wordt en er bij het ontwerp van producten al over nagedacht wordt, is volgens hem een middel maar niet het doel. We trokken naar Amsterdam, waar Rau’s architectenbureau gevestigd is, met een pak vragen. Wat volgde was een college over circulariteit, duurzaamheid en zelfs spiritualiteit.

Wat is uw idee van duurzaamheid?
“Duurzaamheid optimaliseert ons bestaande economische systeem. En het bestaande systeem waarin wij leven zou fundamenteel veranderd moeten worden. Ons systeem berust op verdienmodellen die altijd ten koste van iets of iemand gaan. Duurzaamheid verandert daarin niets en wij zijn daar tevreden mee, omdat we weten dat wanneer we ons hele systeem gaan veranderen, het oncomfortabel wordt. Duurzaamheidscertificaten zorgen ervoor dat er niets écht veranderd, maar we het allemaal wel een beetje minder slecht doen.”

 

Duurzaamheid, maar ook circulariteit, is slechts een middel, niet het doel

 

U pleit voor een andere benadering?
“Duurzaamheid, maar ook circulariteit, is slechts een middel, niet het doel. Dat doel moet een fundamentele verandering zijn van de manier waarop wij naar de wereld en ons bestaan kijken. Ik kijk naar die verandering als de voltooiing van de Copernicaanse wending. De eerste stap daarin was het besef dat de aarde niet centraal staat, maar de zon. Vervolgens kwam het besef dat wij als mensen slechts gasten zijn op de aarde en geen gastheren. De aarde is niet van ons. De derde en laatste stap zou moeten zijn dat we ons realiseren dat alles wat ons bestaan mogelijk maakt, minimaal op dezelfde hoogte moet staan als wijzelf. Dat houdt in dat niet alleen mensen, maar ook de materialen die ons bestaan mogelijk maken, rechten zouden moeten hebben.”

Hoe ziet u dat concreet?
“Wel, de aarde is een gesloten systeem. Daarin is alles eindig, alles een limited edition en even belangrijk. Iedere appel, iedere boom of iedere steen is uniek. Met dat besef moet je jezelf afvragen hoe je ervoor kunt zorgen dat het eindige oneindig beschikbaar wordt. We zouden ons systeem moeten inrichten naar het voorbeeld van een bibliotheek, waarin onze spullen en grondstoffen telkens terugkomen wanneer de gebruiker ze niet meer nodig heeft. Dat kan via data. De bibliothecaris weet aan de hand van de data die hij opneemt over zijn boek en de persoon die dat uitleent, altijd waar zijn boek is. Via data kun je er dus voor zorgen dat het eindige oneindig beschikbaar wordt.”

Stel, we beginnen nu met het inventariseren van alle grondstoffen en spullen op aarde. Wat doen we dan met de grondstoffen die al verwerkt zitten in bestaande toestellen?
“Afval is volgens mij een grondstof die in de anonimiteit verzeild is geraakt. Een recyclingbedrijf kent een identiteit toe aan dat afval. Wanneer hij een stuk koper uit jouw gsm haalt, benoemt hij dat als koper. Maar dat koper is altijd koper geweest, ook toen het zogezegd afval was. Het is enkel doordat het in de anonimiteit verzeild raakte, dat het afval genoemd werd. Je moet er dus voor zorgen dat je de identiteit van materiaal borgt en documenteert. Daarom zijn wij een materialenpaspoort voor gebouwen begonnen. Van de gebouwen die wij bouwen, documenteren we alle materialen die we gebruiken, zodat we precies weten wat er precies in zit, mocht het gebouw ooit afgebroken worden. Daarnaast zijn we een digitaal platform begonnen – het Madaster – waarop andere bedrijven zelf de materialen in hun gebouwen kunnen registreren. In de toekomst willen we een vergelijkbaar platform opzetten voor producten en infrastructuur.”

MT_006

Mensen willen niet meer betalen voor het product lamp, maar wel voor de dienst licht

 

Grondstoffen zitten dus tijdelijk opgeslagen in spullen of gebouwen, totdat deze niet meer nodig zijn. Maar wie is dan de eigenaar van al die grondstoffen?
“Mijn visie is dat in de toekomst de mijnen waar de grondstoffen vandaan komen, eigenaar zijn van de grondstoffen. Zij lenen die enkel uit aan bedrijven of personen om spullen van te maken. Deze bedrijven of personen moeten de grondstoffen uiteindelijk wel weer in goede conditie teruggeven aan de mijnen, net zoals bij de bibliotheek. Voor de spullen terugkomen, kan dat tientallen, misschien wel honderden jaren duren, maar uiteindelijk blijven ze eigendom van de mijnen.”

Kan u een voorbeeld geven?
“Een bekend voorbeeld van een activiteit die wij hebben opgezet samen met Philips, is dat je betaalt voor licht en niet voor een lamp. Je betaalt met andere woorden voor een dienst en het is de verantwoordelijkheid van Philips om te zorgen voor een energiezuinige lamp die ook nog eens gemakkelijk te demonteren is. Wanneer de lamp niet meer nodig is, weten zij immers dat die lamp terugkomt naar hen. De grondstoffen die in die lamp zitten, kunnen op die manier bij terugkomst makkelijk hergebruikt worden.”

Hoe realistisch is die, zoals u het noemt, Copernicaanse wending en aan welke termijn moeten we denken?
“Hoe realistisch was het vijftien jaar geleden om te denken dat iedereen nu op dit moment met een smartphone op zak zou lopen? Ik denk dat die verandering veel sneller kan plaatsvinden dan iedereen denkt. Een heleboel bedrijven hebben nu al moeite om hun grondstoffen bij elkaar te krijgen. De grenzen die vroeger heel ver weg waren, zijn nu heel dichtbij.”

 

De aarde is een gesloten systeem, waarin alles eindig is, alles een limited edition

 

Maar gaan mensen daadwerkelijk inzien dat er een einde aan hun grondstoffen komt voordat het zover is?
“Vooralsnog is onze mentale gesteldheid de grootste belemmering. We zouden als mensheid veel meer bezig moeten zijn met onze mentale rijpheid. Wij zijn spirituele wezens op een menselijke reis. Het allerbelangrijkste is daarom educatie. En daarmee komen we terug bij af: we moeten het huidige systeem niet optimaliseren, maar transformeren.”

Wat u voorziet, gaat veel verder dan zomaar ons economisch systeem veranderen. Dit vraagt een maatschappelijke ommekeer.
“Absoluut. De meest fundamentele vraag die we moeten beantwoorden is: welke houding willen we als mensheid innemen ten opzichte van alles wat ons ‘zijn’ mogelijk maakt? Het antwoord op die vraag gaat bepalen hoe de samenleving in de toekomst er uitziet.”