Een stad is een levend organisme. Elke dag vertrekken er goederen en mensen uit de stad. En elke dag komen er goederen en mensen aan. Aan- en afvoer, zoals bij een hart dat bloed rondpompt. Om dat in goede banen te leiden, moet je een beroep doen op een goed uitgebouwd distributienetwerk. Door onze centrale ligging in Europa, onze grote havens en luchthavens en ons fijnmazig wegennet is België een logistieke draaischijf.

België boven
“Logistiek en transport zijn in België even belangrijke sectoren als de chemie of de bouw”, zegt transporteconoom Thierry Vanelslander van de Universiteit Antwerpen. “Ook indirect. De transportbewegingen van pakweg Colruyt zijn gigantisch, maar dat staat natuurlijk zo niet in de boeken.” Vergeleken met de meeste buurlanden steekt België er echt wel boven uit, zegt Vanelslander. “Nederland heeft natuurlijk ook die reputatie en de ervaring, hun havens gaan ook al eeuwen mee.”

Wegvervoer onder vuur
Dat de transportsector economisch ontzettend belangrijk is en zeer veel werkgelegenheid schept, betekent niet dat er geen problemen zijn. Vooral het wegvervoer ligt onder vuur. “Wegvervoer brengt heel wat externaliteiten mee”, aldus Vanelslander. “Problemen die wel veroorzaakt worden, maar die niemand vergoedt. Neem bijvoorbeeld de files: we staan er allemaal in, maar het tijdsverlies krijgen we niet vergoed. Hetzelfde met lawaaihinder of de uitstoot van vervuilende stoffen. Zelfs ongevallen kun je in die categorie onderbrengen. Het bedrag van de verzekering dekt nooit helemaal de (maatschappelijke) kost, laat staan het moreel verlies.”

 

Eén serieus probleem waar we nu mee kampen, is dat er geen goederen mogen gelost worden tussen acht uur ’s avonds en vijf uur ’s ochtends – Philippe Degraef

 

Logistieke ketting moet volgen
Ook Philippe Degraef van de transportfederatie Febetra onderkent de problemen, maar niet alle zonden mogen in de schoenen van de sector geschoven worden, zegt hij. “Eén serieus probleem waar we nu mee kampen, is dat er geen goederen mogen gelost worden tussen acht uur ’s avonds en vijf uur ’s ochtends. Als we dat meer konden spreiden, zouden al veel moeilijkheden opgelost zijn. In industriezones kan dat volgens mij perfect.” Zoiets werkt wel alleen maar als ook de rest van de logistieke ketting volgt, waarschuwt Degraef. En dat zal geld kosten. Ook op nieuwe wegen moeten we voorlopig niet rekenen, meent Degraef. “Nog maar bij het plannen van een nieuwe weg regent het al klachten en procedures, denk maar aan de Oosterweelverbinding. Gewoon de missing links tussen de grote assen afwerken, zou al een hele stap in de goede richting zijn.”

Promoot alternatieven
Vanelslander kent de verzuchting van de transportsector. “Als je een verbod invoert op nachtelijk laden en lossen, creëer je een enorme puzzel om alles goed op mekaar af te stemmen. Er zullen zo ook veel extra transportbewegingen bijkomen. Je zou ook alternatieve transportmiddelen kunnen promoten, fietskoeriers bijvoorbeeld. Alleen is dat niet voor alles geschikt, een piano of een koelkast ga je zo niet vervoerd krijgen.”

Andere modaliteiten
Is transporteren via het spoor of het water dan geen oplossing? Vanelslander: “Het spoor is een oude overheidssector waar de werkorganisatie te weinig op efficiëntie gericht is. Die markt is ook al een tijdje vrijgemaakt, zodat de interessantste stukken al weg zijn. Alleen de minder rendabele verbindingen blijven over. Ik denk dat het management van de NMBS wel wil, maar er is ook een sterke politieke insteek, wat het allemaal nogal gecompliceerd maakt.”

 

Iedereen zal moeten innoveren en creatief zijn om deze sector sterk te houden, inclusief de overheid – Thierry Vanelslander

 

Binnenvaart moet beter
De binnenvaart kampt met ongeveer dezelfde problemen, zegt de transporteconoom. “Die doet haar werk zoals ze dat al eeuwen doet. De sector is heel kleinschalig en niet efficiënt genoeg. Jonge schippers willen wel schaalvergroting, maar grote boten kunnen dan weer de te kleine kanalen niet op.” Eén oplossing ligt in het baggeren of verbreden van kanalen, wat handenvol geld kost en op veel maatschappelijke weerstand botst. Of je kunt innoveren, met kleine, zuinige schepen. Maar dan heb je de banken nodig, die door de crisis compleet risicoavers zijn geworden.

Wegvervoer blijft nodig
Ook de vervoerders zelf zijn met die alternatieven bezig, zegt Degraef. “Er zijn al traditionele transportbedrijven die ook via het water vervoeren, maar een aansluiting op wegvervoer blijft nodig. De last mile naar de winkels en de bedrijven kun je niet via het water afleggen. Het hangt ook af van het soort transport dat je verkiest. Voor bulktransport kan dit werken, voor pakjes lijkt me dat al heel wat lastiger.”

Werk aan de winkel
Samengevat: als we de rol van logistiek centrum willen houden, is er werk aan de winkel. “Dat is zeker geen verworven recht”, zegt Vanelslander. “De markt verandert in een razendsnel tempo. De rol van de havens verandert, Azië lonkt naar bedrijven als consumptieparadijs. Iedereen zal moeten innoveren en creatief zijn om deze sector sterk te houden, inclusief de overheid.”