Zondag. Niksdag. Je hebt zin om te shoppen. Vanuit je luie stoel met kop koffie bestel je die jas die je onlangs in de winkel zag. Maar had je misschien niet beter eerst wat digitaal rondgesnuffeld om dan naar de fysieke winkel te gaan, waar je alles in het echt ziet, voelt, ruikt, proeft…? “De mix van online en offline zal blijven bestaan”, zegt Peter Vandenberghe, communicatieverantwoordelijke van Comeos, de organisatie die de Belgische handel en diensten vertegenwoordigt. “Daar moeten handelaars handiger op inspelen. Want fysieke winkels hebben echt nog een reden van bestaan, maar dan in combinatie met online verkoop.”

We lopen achter
De klassieke detailhandel heeft de voorbije jaren klappen gekregen. “Vorig jaar verloren meer dan 3.000 mensen hun baan in de retail”, zegt Vandenberghe. “Nooit eerder zagen we zo’n stagnering in de verkoop. In 2012 kenden we nog een omzetstijging van 3 procent, vorig jaar was er amper groei, 0,1 procent.” Eén van de redenen was precies de concurrentie van e-commerce. “We lopen achter en zijn niet flexibel genoeg. Tussen acht uur ’s avonds en zes uur ’s morgens mogen we niet werken. Dat is nachtarbeid. Tja, en zo hebben we een flinke achterstand opgelopen ten opzichte van onze buurlanden.”

 

De mix van online en offline zal altijd blijven bestaan – Peter Vandenberghe

Belgen zijn niet actief online
Bovendien blijkt de internetpenetratie – het aantal mensen dat online actief is – in België het laagst van alle landen rondom ons: 84,70 procent, tegenover 85,75 procent in Frankrijk, 86,78 procent in Duitsland, 89,90 procent in het VK en zelfs 90 procent in Nederland.

Persoonlijk contact = cruciaal
E-commerce zal aan belang blijven winnen. Ook in België. Maar de klassieke winkel, gecombineerd met een webshop, zal niet meteen verdwijnen. Al was het maar omdat we de bits en bytes stilaan beu zijn en weer hunkeren naar menselijk contact. Ook Ubbe Descamps van de West-Vlaamse kledingketen Brooklyn denkt er zo over. “Nee, hoor, de traditionele winkel heeft lang niet afgedaan’ zegt hij. “Persoonlijk contact blijft cruciaal.” Ook de mogelijkheid om kleding te passen, blijft een troef. “Want met een online aankoop is het altijd afwachten of hij je past en je überhaupt staat.”

We zijn niet flexibel genoeg in België – Peter Vandenberghe

Vind je eigen look
Bij Brooklyn combineren ze al langer online en offline. “Het is net de mix van onze acht fysieke winkels en de webshop die onze formule versterkt”, weet Descamps. Vaste klanten gebruiken beide kanalen, de site heeft vooral een magneetfunctie. Mensen worden er toe aangetrokken om te kijken of te kopen. Achter de webshop schuilt ook een duidelijke visie. Zo kun je meteen doorklikken naar dames- of herenmode, maar je krijgt ook suggesties. Je ziet dus niet alleen platte foto’s van kledingstukken, maar ook modellen, uitgedost in complete outfits. Zo vind je meteen je eigen look.

Alternatieve betaalsystemen
Bevalt een aankoop niet? Dan kunnen klanten hun aankoop altijd naar de fysieke winkel terugbrengen. “Het voordeel daarvan is dat we hen daar opvangen, helpen met het vinden van de juiste maat of met advies… of dat ze kleding toch nog kunnen passen”, aldus Descamps. Daarnaast heeft Brooklyn een pilootproject lopen in de winkel in Roeselare rond alternatieve betaalsystemen via de smart city app van de stad. Ook de klantenkaart is digitaal.

De mens blijft een wezen dat nood heeft aan een babbel – Ubbe Descamps

Kruisbestuiving online en offline
Voor Ubbe Descamps is de toekomst van de fysieke winkels in elk geval verzekerd. “Maar alleen creatieve retailers zullen overleven”, meent hij. Ooit verdwenen de traditionele winkels uit de stad en kregen ze concurrentie van de shopping boulevards. Grote vierkante dozen, die er overal hetzelfde uitzagen. Vandaag zien we een heropleving van de stad en een kruisbestuiving tussen online en offline winkelen. “We zullen in de toekomst moeten focussen op fun en comfort. We moeten het onze klanten zo makkelijk en prettig mogelijk maken”, zegt Descamps.

Nood aan babbel
“Shoppen moet een leuke belevenis zijn”, besluit Descamps. En daar hoort personeel bij, volgens hem. Ongeacht de handige betaalsystemen, virtuele etalagepoppen, intelligente pashokjes, smart mirrors… “Want de mens blijft een wezen dat nood heeft aan een babbel.”