Had je geen pensioen, wat zou jij dan doen: een schuld opbouwen en je geld opdoen? Of je nu gráág werkt of niet, heel wat mensen kijken uit naar de dag dat ze met pensioen kunnen. Maar hoe pak je dat fiscaal aan tot die dag er eindelijk is?

Appeltje voor de dorst
‘Lekker rentenieren’ wordt door iedereen op een geheel andere manier ingevuld: sommigen trekken er met de camper op uit naar Route 66, terwijl anderen met hun kleinkinderen naar Center Parcs trekken. Hoe het ook zij, de weg naar het pensioen moet liefst doordacht en spaarzaam worden betreden. Want het pensioensparen heeft zo zijn valkuilen, maar zijn er ook andere manieren om een appeltje voor de dorst te behouden na je werkloopbaan?

De kracht van ‘compounding’
Misschien ben je ondertussen al ettelijke decennia bezig met het aanvullen van je persoonlijke spaarpotje. Misschien ben je nog student of zet je de eerste stapjes richting een noemenswaardige carrière. Toch begin je best zo jong mogelijk geld opzij te zetten voor je pensioenpotje, zegt Geert Noels, econoom bij Econopolis. “Het belangrijkste aspect om in het achterhoofd te houden is de kracht van compounding, oftewel samengestelde intrest. Met de kleine rendementen die we nu voor ons hebben, pakweg 3 procent, ga je niet veel hebben als je pas op je vijftigste begint te sparen voor je pensioen.”

Kleine beetjes maken een groot geheel
Bij compounding neem je de bestaande intresten tot de macht, intrest tot intrest. Als jong veulen spaar je namelijk doorgaans niet de grootste bedragen, meestal omdat het simpelweg niet anders kan. “Dan is de hefboom wel het grootst,” vat Noels verder aan. “In het begin een klein bedrag sparen kan een vrij grote impact hebben op het einde van de rit.” Zeker met de lage rente van vandaag, wordt het aangeraden er snel bij te zijn. “Denk niet aan grote bedragen, maar aan tijd. Dat is een hefboom die je nooit meer terugkrijgt.”

 

Wacht niet met de dingen te doen waarvan je droomt tot je met pensioen gaat
Geert Noels

 

Pensioenspaarfonds
Pensioensparen houdt dus in dat je een deel van je inkomen opzijzet. Dat stukje revenu kun je dan opnemen in een verzekering of pensioenspaarfonds. Noels: “Belangrijk wordt dan de factor van het risico nemen of niet. Bij een verzekering dek je in feite al heel wat risico af, doordat er bijvoorbeeld een extra levensverzekering aan vasthangt voor je nabestaanden.” Spaarfondsen hebben dat in de regel niet, wat niet wegneemt dat je niet gewoon een aparte levensverzekering kunt nemen. “Let wel op dat je niet oververzekerd geraakt. Wees je ervan bewust of het echt nodig is of niet.”

Je huis als spaarpot
Je fiscale naslagwerk hoeft ook niet altijd in een georganiseerde vorm te komen. Bijna ieder van ons investeert zelfs dagelijks in zijn toekomst, miniem of niet, stelt Noels duidelijk. “Eén van de belangrijkste spaarpotjes voor je pensioen is je eigen huis. Vastgoed is sowieso goed beschermd tegen de inflatie en dus zeer gunstig om in te investeren of te onderhouden.” Met andere woorden, thuis is waar mijn spaarpot staat, dus misschien is het niet slecht om toch eens dat nieuwe dak te plaatsen of die carport neer te poten?

Alternatieven voor pensioen
Veel geld in je woonst investeren of om de zoveel tijd een iets groter bedrag opzij zetten is mooi in theorie, maar uiteindelijk weet niemand wat de komende jaren zullen brengen. “Over dertig jaar nog vertrouwen hebben in de overheid, kun je dat garanderen?” vraagt Noels zich af. “Het grootste probleem is de veranderende fiscaliteit. De overheid kan de gelden altijd zwaar gaan belasten en dan zit je klem.” Mensen leven langer, werken langer en combineren verschillende jobs, waardoor het pensioenstelsel al heel wat veranderingen heeft ondergaan. “Alles hangt af van wat de overheid op een zeker moment beslist en daar kun je uiteindelijk niets aan doen.” Uitkijken naar alternatieven om je pensioen op te bouwen is dus niet per se verloren moeite.

Sla je spaarvarken stuk
Maar of je nu een simpel pensioen opbouwt of je bent ingenieus aan het investeren geslagen, de dag dat je stopt met werken zal er komen. En dan heeft Noels maar één tip: “Wacht niet tot je pensioen om de dingen te doen die je beweert te doen, maar begin er nu al aan!” Dus sla dat spaarvarkent af en toe eens stuk en koop jezelf achteraf gewoon een nieuw.