We ontmoeten Lucas in de terminal van de Antwerpse luchthaven waar hij als acteur/piloot vol passie het gesprek aanvat over zijn liefde voor het luchtruim. Vliegen is onthaasten, iets wat ademruimte geeft in de drukke agenda.

Maken we hier kennis met een uit de hand gelopen hobby?
“Het vliegen is een beetje mijn tweede passie geworden. Tot 25 jaar geleden was dit ver van mijn bed, ondanks het feit dat ik altijd al gefascineerd was door vliegen. Ik stond steeds met verbazing te kijken naar die condensatiestrepen in de lucht. En dan denk je ‘goh, dat zal wel te moeilijk voor mij zijn’ of ‘dat kost handenvol geld’. Tot ik plots mijn stoute schoenen aantrok en reageerde op een advertentie van de Vlaamse Zweefvlieg Academie om een luchtdoop te ondernemen. Nadien schreef ik meteen in om te leren zweefvliegen. Tijdens mijn legerdienst in 1987 kwam ik iemand tegen die me warm maakte om te leren motorvliegen. En zo ging de bal aan het rollen.”

 

Iedereen zoekt een manier om af en toe het hoofd leeg te maken. Bij mij is dat vliegen

 

©Nico Van Dam

 

Welk soort van piloot is Lucas Van den Eynde dan?
“Ik beschouw mezelf als een gepassioneerd weekendvlieger. Vliegen ervaar ik telkens opnieuw als een openbaring die balanceert tussen wetenschap en poëzie. Zweefvliegen is een fantastische natuurervaring. Bij motorvliegen is het fijn om met de boordapparatuur aan de slag te gaan. Het landen is telkens opnieuw de kers op de taart. Ik maak er graag een erezaak van om de perfecte landing uit te voeren.”

Is het je ideale manier om stress weg te nemen?
“Ik kan er me enorm in vinden alleszins. Iedereen zoekt een manier om af en toe het hoofd leeg te maken. Ik ben nu toevallig op vliegen uitgekomen, maar voor hetzelfde geld was het iets totaal anders geworden.”

Bovendien heb je het vliegen al kunnen combineren met je werk voor televisie. Een dubbelslag?
“Klopt. Bij Windkracht 10 was ik de enige die echt vloog. Dat was fantastisch. We hadden toen opnames in Ursel en ik steeg toen op in Antwerpen en vloog naar mijn werk. Heel uitzonderlijk.”

Zie je het vliegen als een wapen in de strijd tegen het ouder worden?
“Goh, daar ben ik eigenlijk niet zo mee bezig. Ik word 57, maar als mensen dat niet ter sprake brengen, glijdt de leeftijd voorlopig nog van mij af. Het gaat allemaal zo snel vooruit. Ik ben met zo veel verschillende dingen bezig waarin ik me honderd procent kan geven. Stilstaan bij het ouder worden is nog niet aan de orde is. Bovendien heb ik nog een jonge vrouw en twee jonge ‘koters’. Mijn dochter is twaalf en mijn zoontje zeven. Ik denk dat die me in principe jonger houden dan mijn hobby als vliegenier. Eigenlijk lijkt het vaak alsof ik nog maar 46 ben. Veel mensen van mijn leeftijd hebben al kinderen die het huis verlaten of afstuderen. Voor mij was het vaderschap eerder een late roeping.”

 

Stilstaan bij het ouder worden,
is nog niet aan de orde

Wanneer sta je dan wel stil bij het ouder worden?
“Als die vijf kwam, heb ik er wel even bij stilgestaan. Dat cijfer voelt toch totaal anders aan dan een drie of een vier. In februari word ik 57, dan zal ik wel even denken dat er over drie jaar een zes mijn leeftijd siert. Als je echter de dingen kan blijven doen, die je graag doet dan heb je daar weinig last van. Bij de minder fijne berichten word je wel eens met de neus op de feiten gedrukt. Als er in je omgeving mensen van je leeftijd plots ziek worden of sterven, werkt het toch psychologisch. Dan ga je beseffen dat het iedereen kan overkomen en al zeker als je iets ouder wordt.”

Leef je dan ‘carpe diem’?
“Ik leef al vijftig jaar zo. Al sinds mijn jeugd heb ik de indruk dat ik altijd de dingen heb kunnen doen die ik heel graag doe. Ik was een enorme speelvogel en kon me uitleven met mijn vrienden. School interesseerde mij niet, wat er voor zorgde dat ik eigenlijk de gedoodverfde opvolger van mijn vader moest worden in de slagerij. Ik hielp wel mee in de zaak, maar daarnaast deed ik nog honderd andere dingen. Het liep anders. Toen ik met toneel startte ging er een wondere wereld van nieuwe ervaringen voor mij open.”

Let je goed op je gezondheid om langer fit te blijven?
“Ik probeer toch twee keer per week te joggen om frisse lucht binnen te halen. Ik ben sowieso een goede verbrander. Ik doe een poging om gezond te eten, maar gelukkig komen de kilo’s er nooit snel bij. Als de gelegenheid zijn voordoet, kan ik me wel eens goed laten gaan op restaurant of een pintje meedrinken met de kameraden, maar dat is eerder de uitzondering dan de regel.”

 

Als je ouder wordt, krijg je ook andere rollen toebedeeld en dat schept uitdagingen

 

Als je terugblikt op je rijk gevulde carrière. Wat stip je dan als hoogtepunten aan?
“Een van de strafste avonturen was Kongo. Toen hebben we zes maanden in Zimbabwe gedraaid. Het verhaal was een stukje Belgische geschiedenis. Het was uniek om aan zo’n prestigieus project te mogen meewerken. Een fictieploeg die zo lang naar Afrika trok om opnames te maken, naar Vlaamse normen was dit ongezien. Ik woonde daar toen ook de hele tijd. Maar om eerlijk te zijn, koester ik aan heel wat producties goede herinneringen. Ik prijs me gelukkig met de mooie rollen die ik al kreeg.”

Wat brengt het komende jaar?
“Nu draaien we het laatste seizoen van De Ridder, en dat begin ik te repeteren met Tania Van der Sanden voor een nieuw theaterstuk. In de grote vakantie gaan we werken aan een nieuwe langspeelfilm, maar daar mogen nog geen details over vrijgegeven worden. Op het einde van het seizoen waag ik me dan nog eens aan een musical, een bewerking van The War of The Roses.”

Staat er op een acteur überhaupt een pensioenleeftijd?
“Als ik sommige collega’s bezig zie, dan denk ik dat niet. Ik kan natuurlijk niet voorspellen hoe het over tien jaar zal zijn, maar ik kan alleen maar hopen dat 65 voor mij geen eindpunt is. Als ik kijk naar pakweg Jo De Meyere, dan teken ik voor zo’n verdere carrière. Als je ouder wordt, krijg je ook andere rollen toebedeeld en dat schept uitdagingen.”

Lucas Van den Eynde
©Nico Van Dam

Als Lucas Van den Eynde geen acteur was geworden, dan was hij…
“Dan ging het ongetwijfeld iets met luchtvaart geweest zijn. Daarvoor niet noodzakelijk piloot, maar ook een job in de controletoren als verkeersleider zou me ongetwijfeld aangesproken hebben. Maar ik ben blij dat ik het vliegen toch als hobby kan beoefenen. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan zeker?”