Geen grotere hype in IT-land dan Big Data. Maar het aantal bedrijven dat er écht mee aan de slag gaat, is nog beperkt. “Innovatieve ideeën zijn nog zeldzaam.”

Marketing, CRM, prijszetting, fraudebestrijding,…dat big data enorme mogelijkheden biedt bij heel wat bedrijfsprocessen, weten de meeste CEO’s ondertussen wel. Maar slechts weinig ondernemingen begrijpen het echte potentieel, vindt Ingmar Christiaens van het consultancybureau EY (het vroegere Ernst & Young). “Nu alles digitaal wordt, beginnen meer en meer bedrijven wel met het verzamelen en bijhouden van informatie. Maar welke echt innovatieve ideeën komen er uit voort? Voorlopig nog bitter weinig.”

Data voorspelt…
Christiaens onderscheidt verschillende manieren waarop je met datagegevens aan de slag kan gaan, van simpele rapportering tot predictive analytics, zeg maar het voorspellen van bijvoorbeeld consumentengedrag of het uitbreken van bepaalde epidemieën. “Dat soort toepassingen zijn toch nog vooral het speelterrein van de grote jongens in high tech, genre Google, Amazon en Facebook. Zij zijn de witte raven die hun tijd ver vooruit zijn.”

 

Google, Facebook en Amazon, dat zijn de witte raven die hun tijd voor zijn wat betreft big data– Ingmar Christiaens

 

…bespaart & onderzoekt
Op de tweede plaats zijn het vooral retail-bedrijven, zegt Christiaens, al moet er ook daar een onderscheid gemaakt. “Innovatieve retailers zoals bijvoorbeeld een WalMart gebruiken big data om on the fly hun prijzen in de winkels aan te passen, waar ook de klant wat aan heeft. Maar daarnaast heb je ook een heleboel andere retailers die het gewoon gebruiken om zoveel mogelijk op kosten te besparen, wat natuurlijk net iets minder innovatief is (lacht).” Op de derde plaats ziet Christiaens vooral pharma-bedrijven als UCB en Johnson & Johnson die big data inzetten voor research-doeleinden.

Big data believers
De medische en farmaceutische sector is inderdaad een grote believer in big data, ook in ons land. Het UZ Antwerpen startte enkele jaren geleden bijvoorbeeld met een project om via big data het diagnoseren van zeldzame ziektes te vergemakkelijken. “Dat project spitste zich toe op de zeldzame ziekte MCADD”, zegt Tim Van den Bulcke van het UZA. “Het is een stofwisselingsziekte die in extreme gevallen tot de dood kan leiden, maar met een aangepast dieet kan je het vrij goed onder controle houden. Alleen moet je dan wel weten dat je het hebt, natuurlijk.”

Data geneest…
Tot nog toe wordt MCADD opgespoord met een hielprik bij pasgeboren baby’s. Als daarbij bepaalde drempelwaarden overschreden worden, kunnen artsen beslissen om verdere analyses te doen en een behandeling te starten. “Ons project probeerde die beslissing meer data driven te maken door data mining analyse van hielprikgegevens”, zegt Van den Bulcke.

 

Door data mining van hielprikgegevens probeerden we de beslissing over een behandeling voor MCADD meer data driven te maken – Tim Van den Bulcke

 

…en diagnosticeert
Voor patiënten met andere zeldzame ziektes kan vaak geen test worden gedaan bij de geboorte. Sommigen blijven daardoor lang ongediagnoseerd, soms tien tot twintig jaar. “Daarom proberen we zeldzame ziekten ook te identificeren door in bestaande patiëntendossiers te zoeken naar verschillende indicatoren die misschien een indirect verband met de ziekte zouden kunnen hebben”, legt Van den Bulcke uit. Die indicatoren zitten vaak verspreid in verschillende medische disciplines.

Sluitende verbanden
Bij de ziekte van Fabry bijvoorbeeld, gaat het om een afwijking van het hoornvlies, pijn in ledematen en koorts. “Dat zijn symptomen die individueel veel voorkomen. De uitdaging is dus om sluitende verbanden te zoeken op veel verschillende plaatsen in elektronische gegevens. En dat is een kolfje naar de hand van big data.”

Topje van ijsberg
Het zijn precies dit soort evoluties die er voor zorgen dat big data here to stay is, zeggen de twee specialisten. “Als we over vijf jaar zullen terugkijken op wat we nu big data noemen, zullen we lachend opmerken dat we vandaag nog maar het topje van de ijsberg hebben gezien”, zegt Christiaens. Ook de hele discussie over de kwaliteit van de data die goed moet zijn, zal dan lang vergeten zijn. “Over vijf jaar zal dat niks meer uitmaken, want er komt zo veel data bij dat die niet meer bij te houden is. Tegen dan zal de technologie gewoon zelf data filteren en er uit nemen wat ze nodig heeft.”