Drones, zelfrijdende tractoren, bodemscanners en meer. De landbouw zet grote stappen op het gebied van technologie en automatisering. Maar ondanks – of dankzij – alle moderne snufjes, bepaalt de boer voorlopig nog altijd zelf hoe zijn oogst eruitziet.

Nieuwerwets boeren
Zelf langs al zijn gewassen lopen en kijken hoe iedere plant erbij staat, doet de moderne landbouwer niet meer. In plaats daarvan gaat hij daar kijken waar zijn drones, satellietbeelden en andere sensoren signaleren dat er iets bijzonders aan de hand is. Met een enorme hoeveelheid data in de hand, begint daar het ‘ouderwetse’  boeren: bewateren, bemesten of beschermen. En dan blijkt boeren, zelfs op een zogenaamde smart farm, nog geen exacte wetenschap.

‘Digital farming’
De grote vraag is: wat doe je met al die data? Smart Digital Farming vormt een netwerk van Vlaamse bedrijven uit de landbouwsector die daar een antwoord op proberen te formuleren. “We proberen nieuwe inzichten te krijgen die kunnen leiden tot datagedreven besluitvorming”, legt Peter Rakers van Smart Digital Farming uit. “Daarmee willen we het buikgevoel van de boer uitdagen, op zoek naar meer efficiëntie of rentabiliteit.”

 

We willen het buikgevoel van de boer uitdagen op zoek naar meer efficiëntie Peter Rakers

 

Gerichter werken
Rakers noemt volgende voorbeeld. “Via slimme sensoren op en rond het veld, correleert men bijvoorbeeld de weersomstandigheden met planten die op een bepaalde plaats op het land gepoot zijn. Daarnaast correleert men de groei van de planten met de bewerking die op het land is uitgevoerd. Die zaken samen kun je gebruiken om een aangepaste dosering voor het bestrijden van onkruid samen te stellen voor een specifieke plaats in het veld. In plaats van elke donderdagmiddag het hele veld te besproeien, iets wat de boer misschien al jaren routinematig doet, kun je dan veel gerichter te werk gaan.”

Moderne hulpmiddelen
Bovengenoemde toepassing is al in min of meer dezelfde vorm in gebruik door Jacob van den Borne. Hij heeft in de Belgisch-Nederlandse grensstreek bij Arendonk en Reusel een groot aardappelbedrijf waar hij werkt met de modernste hulpmiddelen. Van den Borne is dan ook een pionier in de sector. “In alle fases van ons teeltproces gebruiken en verzamelen we data om ons werk efficiënter en onze aardappelen beter te kunnen maken”, vat Van den Borne samen.

Nauwkeurige invulling
Dat gaat best ver. In de winter maakt Van den Borne een bouwplan waarin hij zijn percelen in kaart brengt aan de hand van verschillende eigenschappen en omstandigheden. Wanneer hij zijn land tot op de millimeter nauwkeurig in beeld heeft, richt hij dat tot op diezelfde millimeter nauwkeurig in. Hij weet vooraf precies op welk stuk land meer of minder planten kunnen groeien en hoe hij die moet verzorgen. Vervolgens worden de aardappels gepoot en verzorgd. Met een armada aan sensortechnieken monitort hij hun groei en grijpt hij in waar nodig. Na de – machinale – oogst worden de aardappels op de boerderij van Van den Borne zelf door een machine gewassen en gesorteerd. “Op deze manier telen wij aardappels op zo’n 500 hectare, met maar drie mensen in dienst”, illustreert Van den Borne hoe efficiënt zijn werkwijze is.

Boerenverstand blijft het belangrijkste
Maar ondanks de hoge automatiseringsgraad en de enorme berg data die een moderne boer als Van den Borne verzamelt, heeft hij zelf nog altijd de grootste invloed op zijn oogst. “Mijn grootvader liep nog elke dag zelf door de velden en keek hoe zijn planten erbij stonden”, vertelt Van den Borne. “Ik doe dat niet meer. Door al die data te verzamelen, probeer ik eenzelfde beeld te vormen als hij over hoe mijn aardappelen er op het land bij staan. De data zorgen er zo voor dat ik weer veel meer met de essentie van het boeren bezig kan zijn dan pakweg tien jaar geleden.”

Automatisering en AI
Tegelijk roept die enorme input veel vragen op. Van den Borne: “Wat er moet gebeuren aan de hand van data, kan de computer nog niet beslissen. Dat is nog altijd aan mij.” Voorlopig dan. Van den Borne schat in dat over vijf jaar ook veel van dit soort processen geautomatiseerd kan worden. “Artificiële intelligentie staat dan veel verder”, legt hij uit. “Met de rekencapaciteit die een computer dan heeft, kan hij een deel van het werk van de mens overnemen.”