Het Vlaamse verpakkingsbeleid is doordrongen van het alom bekende principe ‘de vervuiler betaalt’. Zo zijn producenten verplicht een bijdrage te betalen voor de inzameling en verwerking van verpakkingsafval. Die bijdragen zijn op te vatten als incentives om vooral makkelijk te recycleren verpakkingen te stimuleren.

Wat moet jij bijdragen?
“Producenten die herbruikbare verpakkingen op de markt brengen zijn bijvoorbeeld vrijgesteld van die bijdrage”, zegt Vlaams Minister van Leefmilieu. “De bijdrage is dus gedifferentieerd, rekening houdende met kost- en milieu-overwegingen. Zo is de bijdrage voor verpakkingen die niet kunnen worden gerecycleerd of gevaloriseerd het hoogst.”

Verschillende beleidsinstrumenten
Daarnaast geldt in Vlaanderen voor grote verpakkingsproducenten ook de verplichting om elke drie jaar een preventieplan op te stellen. “Zo’n plan moet maatregelen omvatten om het gewicht van verpakkingen te verkleinen, de kwaliteit ervan te verbeteren en de milieu-impact te verminderen”, zegt Nicholas Courant, woordvoerder van Fevia, de federatie van de voedingsindustrie. De overheid beschikt trouwens nog over een aantal andere beleidsinstrumenten. Joke: “Vlaanderen zet als vanouds sterk in op sensibilisering, zowel van burgers als van bedrijven. Daarnaast zijn er ook de Greener Packaging Awards, die de inspanningen van bedrijven belonen die verder blijven zoeken naar meer duurzame verpakkingen.”

Biogedegradeerd vs biogebaseerd
De meest ‘groene verpakking’ is op het eerste gezicht de biodegradeerbare verpakking. Die heeft de laatste jaren haar intrede gedaan in de supermarkt en is in de meeste gevallen thuis composteerbaar. Vormt zij de toekomst? Of wordt de kern van een duurzaam verpakkingsbeleid gevormd door makkelijk te recycleren materialen? Courant: “Een duurzame verpakking gaat inderdaad veel breder dan een biodegradeerbare of een biogebaseerde verpakking (bij biogebaseerde verpakkingen worden hernieuwbare in plaats van fossiele grondstoffen gebruikt, red.). “Een verpakking die makkelijk recycleerbaar is, is evengoed een duurzame verpakking. De overheid hanteert momenteel nog de ‘klassieke’ incentives: minder verpakkingsgewicht, meer herbruikbare verpakkingen,… De keuze tussen biodegradeerbare of makkelijke recycleerbare verpakkingen is nog niet gemaakt.”

Kringloop moet gesloten zijn
Volgens Schauvliege sluiten de twee elkaar echter niet uit. “Beide strategieën kunnen perfect samen sporen. Het stimuleren van duurzame verpakkingen impliceert niet dat we niet kunnen inzetten op selectieve inzameling en recyclage. Ook duurzame verpakkingen moeten immers op een gegeven moment ingezameld en gerecycleerd worden.” Volgens Schauvliege is het hoe dan ook belangrijk dat de materialenkringloop wordt gesloten. “Biologische materialen zijn op het eerste gezicht misschien te prefereren, maar ze kunnen ook bepaalde nadelen inhouden. Burgers kunnen bijvoorbeeld sneller geneigd zijn tot zwerfvuilgedrag bij biodegradeerbare verpakkingen.”

Werken op beide sporen
Gezien de verschillende functies van verpakkingen en de te verpakken producten zal er in de komende jaren waarschijnlijk een grote diversiteit aan verpakkingsmaterialen blijven bestaan. “Eerder dan in te zetten op één of enkele duurzame verpakkingsmaterialen zoals hout, papier en herbruikbaar glas lijkt het daarom aangewezen om op beide sporen te werken,” aldus Joke. “Een complexe problematiek vraag een beleid dat inzet op een mix aan instrumenten met het oog op de verschillende uitdagingen.”