De dagen zijn korter, donkerder en kouder. Dat betekent gelukkig wel een vrijgeleide naar een warme chocomelk onder een dekentje bij kaarslicht. Maar een gezellig huis creëer je in eerste instantie zelf, met een karaktervol interieur. Mensen zich thuis laten voelen in hun huis en het karakter geven, dat is precies wat interieurarchitecte Sofie De Backer al zestien jaar doet. Om een plek te tekenen die op het lijf van de bewoners geschreven is, zit ze eerst urenlang met hen aan tafel. Soms vraagt ze ook om foto’s uit interieurmagazines te knippen of een Pinterest-bord te maken. Zo ziet ze precies welke stijl de voorkeur draagt: landelijk, warm-hedendaags, warm-strak, klassiek?

Kunstlicht = sfeer
Dan  begint de eigenlijke make-over. Alleen al het plafond kan ervoor zorgen dat het evenwicht zoek is. De Backer: “Te lage plafonds geven een beklemmend gevoel. Probeer ze omhoog te krijgen.” Een andere sfeerbreker is licht. Het komt erop aan een ruimte zodanig open te trekken dat er overdag geen kunstlicht nodig is. De Backer: “Wat niet wil zeggen dat kunstlicht taboe is. Integendeel, verlichting is hét middel om sferen te creëren. Je kan er zodanig mee spelen dat het lijkt alsof je telkens een ander interieur krijgt.” Om die reden kan je in een kamer met meerdere lichtbronnen werken: lijnverlichting voor de mooie algemene gloed, spots voor de dynamische bundels. De bewoners kunnen dan al naargelang de gelegenheid of het gemoed het perfecte licht kiezen.

 

Verlichting is hét middel bij uitstek om sferen te creëren – Sofie De Backer

 

Laat je persoonlijkheid spreken
Eens ‘de schil van het huis’ goed zit, kan de spielerei met de decoratie beginnen. Terwijl je tot voor enkele jaren liefst zo weinig mogelijk ditjes en datjes aan de muren hing, laten de stijlgoeroes nu weer souvenirs en kindertekeningen in het interieur toe. Het koele minimalisme heeft plaats geruimd voor de strak-warme aanpak. Je mag met andere woorden weer je persoonlijkheid laten spreken, een beweging waar Sofie De Backer blij mee is. “In mijn eerste jaren als interieurarchitecte tekende ik heel lineair. Nu de bewoners weer meer op de voorgrond staan, is mijn stijl vlotter en speelser geworden. Ik teken nu vaak inbouwkasten met verspringende deuren en schuiven, terwijl het vroeger allemaal ontwerpen met grote vlakken waren.”

 

gezellig huis

 

Geef een eigen touch
Leen Peeters en haar gezin hebben zo hun oude boerderij in Heverlee met een speelvolle inrichting een eigen touch gegeven. De woning is niet alleen bijzonder omwille van het minimale energieverbruik, ook qua inrichting is het een pareltje geworden. Neem bijvoorbeeld de tafel, meterslang en aan één kant steunend op de betonnen trap die over de volledige breedte van de woonkamer loopt. Peeters: “Ideaal om als tribune te gebruiken. Aan zitplaats geen gebrek.” De basiskleur in huis is wit, maar dankzij de gele en blauwe accenten oogt het geheel vrolijk en allerminst steriel. “Het is een huis met veel karakter geworden, een gezellig huis, een warm nest.”

 

De meeste mensen durven geen kleur in hun interieur te gebruiken – Anna Färga

 

Breng kleur in huis
Kleur in huis brengen is bovendien een andere manier om de zintuigen te prikkelen, al weten de meesten niet goed hoe te beginnen om zo’n gezellig huis te creëren. “Velen zijn zelfs bang om kleuren te gebruiken”, vertelt interieurstyliste Anna Färga. Zij helpt bouwers en verbouwers om de juiste keuzes te maken. Lichtinval is ook voor haar een belangrijke leidraad. Koele ruimtes met weinig zonlicht fleurt ze op met warme tinten, zonnige ruimtes komen dan weer prima tot hun recht met koude kleuren.

Macrofoto’s als accent
Daarnaast laat ze zich inspireren door de smaak en de meubels van de bewoners. Landelijke interieurs vragen natuurtinten, moderne woningen verdragen best zuivere kleuren. De accentmuren zijn volgens Van Gucht op hun retour: “In plaats daarvan zie je nu de macro-foto’s opduiken, grote vlakken met eventueel enkele figuren op. Ook dat is een manier om je persoonlijkheid in de verf te zetten.”