Geen mens die het nog weet, maar in de kindertijd van de auto (voor 1900) reden er al elektrische auto’s rond. Meer nog, het leek er lange tijd zelfs op dat elektriciteit het zou gaan halen als hét aandrijfmiddel voor deze nieuwe uitvinding. De ontdekking van olie in de VS en de spotgoedkope benzine die daar uit werd geraffineerd, en de populariteit van de Ford Model T, die op benzine liep, maakten echter een einde aan de elektrische droom. Dat elektrische wagens toen al dezelfde problemen hadden als nu (beperkte autonomie, zware batterijen, lange oplaadtijden…) hielp ook al niet.

Klaar voor doorbraak
Ruim honderd jaar later lijkt de elektrische auto klaar voor een comeback. Hoewel het nog altijd wachten is op de grote doorbraak. Heel wat stadsbesturen pushen de schone elektrische of hybride voertuigen. In Londen bijvoorbeeld betalen chauffeurs van elektrische auto’s niet mee aan de beruchte congestion charge. “Er zijn wel enkele redenen te bedenken waarom de elektrische auto nog niet is doorgebroken”, zegt Joachim De Vos van het onderzoeksinstituut Living Tomorrow in Vilvoorde. “Heel wat chauffeurs hebben bijvoorbeeld last van range anxiety, de angst om met een platte batterij aan de kant van de weg te staan.”

 

In Nederland of Californië zijn de incentives om elektrisch te rijden veel groter dan in België – Joachim De Vos

 

Geen angst om stil te vallen
De constructeurs doen er gelukkig alles aan om de autonomie van hun voertuigen te verbeteren. Er komen steeds meer laadpalen en snelladers bij, waarmee je op 15 minuten weer een opgeladen batterij hebt. Ondertussen zijn er al elektrische auto’s waarmee je in alle comfort (met de airco en de lichten aan) zo’n 200 kilometer ver geraakt. Sommige modellen zijn ook uitgerust met een kleine benzinemotor, die de elektrische batterij opnieuw oplaadt als ze plat is. Op die manier hoef je geen angst meer te hebben om stil te vallen.

Kijk verder dan aankoopkost
Een tweede grote hinderpaal zijn de zwakke fiscale stimuli van de overheid, zegt De Vos. “In Nederland of Californië zijn de incentives om elektrisch te rijden veel groter dan in België. De meeste elektrische auto’s zijn ook behoorlijk prijzig, omdat de batterijtechnologie zo duur is.” Al moet je als chauffeur ook wel verder kijken dan de aankoopkost alleen. In verbruik en onderhoud is een elektrische wagen stukken goedkoper dan zijn benzine- en dieselbroertjes. Schoon is zo’n elektrische auto natuurlijk ook, al schuilt daar wel een addertje onder het gras. “Het hangt er natuurlijk wel van af met wat voor stroom je hem oplaadt”, zegt De Vos. “Is dat groene stroom, dan is er geen probleem. Is dat stroom uit een gas- of bruinkoolcentrale, tja, dan verplaats je het probleem alleen maar.”

 

Veel zal inderdaad ook afhangen van de batterijen, want de grote doorbraak is er nog niet geweest op dat gebied – Walter Van den Bossche

 

Voldoende groene energie
En als we met z’n allen elektrisch gaan rijden, moeten we dan geen twintig kerncentrales bijbouwen om de massale vraag naar stroom op te vangen? Zo’n vaart zal het wellicht niet lopen, zegt Walter Van den Bossche, CEO van de netdistributiebeheerder Eandis. “Hopelijk hebben we tegen dan voldoende groene energie ter beschikking om de pieken op te vangen en is onze afhankelijkheid van kernenergie afgebouwd.”

Mogelijke alternatieven
Het is volgens Van den Bossche ook geen uitgemaakte zaak dat elektriciteit de volgende standaard zal worden in autoland. “Afhankelijk van de afstand die je wilt afleggen en het soort auto waar je mee rijdt, zijn er alternatieven. CNG of SNG bijvoorbeeld (twee soorten aardgas-varianten, red.) zijn erg interessant, vooral voor vrachtwagens. Veel zal inderdaad ook afhangen van de batterijen.” Ook De Vos onderkent de mogelijke alternatieven voor elektriciteit. “Het voordeel van CNG is dat er al een aardgasnetwerk ligt. En hoewel niet helemaal emissieloos, zijn ook deze motoren erg schoon. Vooral voor vrachtwagens zou dit kunnen werken, want batterijen ontwikkelen voor een dertigtonner, dat wordt helemaal een moeilijke zaak.”