Bart PeetersIn samenwerking met

Dirk Dewolf, administrateur-generaal, Zorg en Gezondheid

De zorg in Vlaanderen staat voor grote veranderingen. Meer dan ooit verschuift de focus naar de persoon met een zorgnood. Welke zorg en ondersteuning wil deze persoon zelf? Hoe kan hij actief betrokken worden bij keuzes over hulp en behandelingen en hoe krijgt hij de best mogelijke zorg op maat?

Het denken over en organiseren van de zorg schuift op naar een model waarin de patiënt of zorgvrager centraal staat. Wat goed is voor de patiënt weet niet (alleen) de zorgverlener, misschien weten patiënt zelf en de mantelzorger dat beter. Zij weten immers welke doelen ze hebben in hun leven, wat ze (nog) willen kunnen, waarvan zij gelukkig worden… Kortom, wat hun levenskwaliteit het meest verhoogt. Het lijkt evident om met die wensen rekening te houden. Toch vraagt dat een heel andere organisatie van de zorg en ondersteuning. De wensen van de zorggebruiker moeten gekend zijn. De patiënt moet (meer) inspraak krijgen in de beslissingen over zijn zorg. Zorgverleners uit de welzijns- en gezondheidssector, van verschillende disciplines en over zorgvoorzieningen heen, moeten met elkaar naar hetzelfde doel toewerken en informatie uitwisselen.

Gegevens op tablet
De technologie schiet ons alvast te hulp. Technologische innovatie gaat razendsnel: op het vlak van nieuwe communicatievormen, van diagnostiek en behandeling, van mogelijkheden in dataverwerking en gegevensdeling… Maar ook op het vlak van zelfversterking van de persoon met een zorgnood, die met enkele toetsbewegingen vanop zijn mobiel toestel zijn persoonlijke gegevens wilt kunnen inzien. De Vlaamse overheid heeft daarvoor haar steentje bijgedragen door te investeren in het Vitalink-platform. Dat maakt gegevensdeling mogelijk tussen de zorg- en welzijnsactoren in de eerste lijn en met de persoon met een zorgnood. De organisatie van de zorg moet volgen. Gelukkig is in zo goed als alle sectoren die beweging ingezet.

 

De eerstelijnszorg zal de wensen van de zorgbehoevende als uitgangspunt nemen voor een gedeeld zorg- en ondersteuningsplan

 

Lokale organisaties
De zogenaamde ‘eerstelijnszorg’ –zorgverleners zoals de huisarts, thuisverpleegkundige en apotheker – die je toegangspoort is tot zorg, blies verzamelen begin dit jaar om de toekomst van hun zorgmodel af te spreken. Zij zullen zich de komende jaren lokaal organiseren in nauwe samenwerkingsverbanden (eerstelijnszones) met de wensen van de zorgbehoevende als uitgangspunt voor een gedeeld zorg- en ondersteuningsplan. De ziekenhuizen zijn dan weer verplicht om meer samen te werken en netwerken te vormen. Naast de basiszorg die de ziekenhuizen bieden, zullen die netwerken afspreken welk ziekenhuis zich waarin specialiseert, zowel qua expertise als qua technologische innovatie.

Do It Yourself zorg organiseren
In nog andere sectoren zoals de ouderenzorg, thuiszorg en zorg voor personen met een beperking zijn de eerste stappen gezet naar een ‘persoonsvolgende financiering’. In plaats van geld te geven aan de zorgaanbieder, kiest de zorgvragende hoe hij zijn zorg organiseert. Thuis of in een voorziening, afhankelijk van zijn behoeften en intenties. Al deze veranderingen zullen stapsgewijs ingang vinden, maar worden gedreven door het fundamentele inzicht dat optimale zorg meer is dan medische verzorging. Het is welzijn en kwaliteit van leven.