Mannen sporten over het algemeen graag. En veel. Niets waar ze hun dierlijke instincten zo goed in kwijt kunnen als het gooien met gewichten of het schoppen tegen een bal. Toch vindt ook het andere geslacht zijn weg naar de sportclub steeds beter. Zijn er eigenlijk nog echte mannensporten? En waarin verschillen wij qua sportbeleving van hen?

Om maar direct met de deur in huis te vallen: dé mannensport bij uitstek is en blijft nog altijd voetbal. Uit de meest recente cijfers van Sport Vlaanderen blijkt dat 95 procent van de leden van voetbalclubs nog altijd mannen zijn. “Voetbal is een mannenbastion”, zegt ook professor Jeroen Scheerder van de onderzoeksgroep sport en bewegingsbeleid van de KU Leuven.

De geschiedenis van dé mannensport
Hij geeft een aantal verklaringen: “De geschiedenis van een sport speelt altijd een belangrijke rol. Voetbal is van oudsher een mannensport. Daarnaast genereert mannenvoetbal nog altijd veel meer media-aandacht dan vrouwenvoetbal, waardoor alle bekende voetballers mannen zijn. Bovendien zijn de bestuurders, journalisten en andere prominente figuren uit de sport nagenoeg allemaal mannen.”

 

Voetbal is van oudsher een mannensport Jeroen Scheeper

 

Om 18u naar de sportclub
Daarbij wordt niet alleen voetbal, maar worden ook teamsporten in het algemeen voornamelijk bevolkt door mannen. “Dat heeft enerzijds te maken met de context waarin die sporten beoefend worden”, legt Scheerder uit. “Teamsporten zijn vaak strak gereguleerd met gezamenlijke trainingen op vaste uren. Mannen konden zich van oudsher makkelijker vrijmaken om bijvoorbeeld om 18 uur op de club te zijn voor een training.”

Om 18u het huishouden
“Vrouwen kwamen daar minder makkelijk aan toe vanwege bijvoorbeeld huishoudelijke taken.” Maar ook de sport zelf speelt een rol. Mannen gaan meer voor het competitieve aspect sporten, waar vrouwen eerder focussen op het gezondheidsaspect van sport. “Dat zorgt ervoor dat vrouwen in bijvoorbeeld de fitness of bij het lopen of fietsen relatief sterker vertegenwoordigd zijn.”

Strandlijf bij vrouwen en mannen
Toch blijft de fitness voor beide geslachten dikwijls een eerste stop om te sporten. Al hebben mannen toch een iets andere doelstelling dan vrouwen. Axelle Aerts, personal trainster en bekend van het Vijf-programma Pink Ambition, ziet overeenkomsten en verschillen: “Een spier is een spier, daar is geen verschil in tussen mannen en vrouwen. Verschillen die ik waarneem, zitten eerder in de doelstellingen die mannen en vrouwen stellen. Waar vrouwen vooral het onderlichaam en hun billen belangrijk vinden, leggen mannen liever de focus op het bovenlichaam om echt dat strandlijf te krijgen.”

 

Waar vrouwen hun onderlichaam en billen belangrijk vinden, focussen mannen liever op het bovenlichaam Axelle Aerts

 

Fitness vol competitie
Verschillende doelstellingen dus, en dat verklaart ook deels waarom groepslessen in de fitness vooral bijgewoond worden door vrouwen. “Opmerkelijk”, zegt Scheerder. “Want teamsporten zijn over het algemeen populairder bij mannen. Tijdens een groepsles zie je samen af, maar zou je de oefeningen ook op je eentje kunnen doen. Bij een teamsport als voetbal, echter, wil je samen een doelpunt maken.” Daarnaast valt de mannelijke competitiedrang ook op in de fitness, waar je mannen vooral terugvindt in het krachthonk. “Dat is inderdaad ook een vorm van competitie; mannen die per se honderd kilo willen drukken.”

Zelfzeker of eigenwijs
Allemaal goed en wel, maar toch schuilt er in onze mannelijke bewijsdrang ook het risico op blessures. “Soms zijn mannen te zelfzeker”, meent Aerts. “Ze worden niet begeleid of weten het zelf beter en doen oefeningen op een foute manier. Daardoor ontstaan blessures of train je niet de spieren die je denkt te trainen. De tip die ik daarom altijd geef: zorg ervoor dat je altijd de beweging afmaakt.”

Volledige genderpariteit
Iedereen, los van geslacht, heeft dus zijn eigen manier of voorkeur van sporten. Het is uiteindelijk die voorkeur die moet bepalen of je een sport graag doet of niet. “Ik denk niet dat we moeten streven naar een volledige genderpariteit in alle sporten”, zegt Scheerder. “We moeten er wel voor zorgen dat iedereen de kans heeft om welke sport dan ook te beoefenen. Maar uiteindelijk zal sociologisch worden bepaald wie welke sport gaat doen. De ene sport spreekt het ene geslacht nu eenmaal meer aan dan de andere.”