Tegen 2050 streven we in Vlaanderen naar een economie die zoveel mogelijk circulair is. Makkelijker gezegd dan gedaan, maar de intentie belooft alvast dat we tegen die tijd efficiënter zullen omspringen met grondstoffen, materialen, energie, water en voedsel.

Afscheid van de huidige economie

Een afscheid van de huidige, lineaire economie zal het industriële toekomstbeeld hertekenen. Zoveel is zeker. Maar de term circulair is voor een leek nog moeilijk om concreet te definiëren. “In wezen betreft het een geheel van strategieën om verspillingen tegen te gaan”, vat Sam Deckmyn, communicatieverantwoordelijke binnen Vlaanderen Circulair, in mensentaal samen. Het geheel kunnen en moeten we heel erg breed interpreteren. “De afvalberg kleiner maken, ongebruikte materialen hergebruiken, de wachttijd van goederen verkleinen en ga zo maar verder. Het gaat dus een heel stuk breder dan enkel recyclage.” Bovendien is het moeilijk om een circulaire economie toe te passen op een totale regio. “Eigenlijk is het maatwerk”, stelt Deckmyn. “Een economie heeft zoveel sectoren die niet één op één vertaald kunnen worden. Daarom moet er op maat gewerkt worden. Vanuit dat uitgangspunt zijn we vertrokken vanuit negen strategieën en creëerden we een lijst met een vijftigtal mogelijkheden voor een aangepaste aanpak.”

 

Het doel is om materialen continu in gebruik te houden

 

Verschuiving naar productgebruik 
Experts zijn ervan overtuigd dat de fabrieken van de toekomst circulair zullen zijn. Maar hoe dat er concreet uitziet, zal van sector tot sector verschillen. Helen Versluys, milieu-experte binnen Agoria, de federatie van bedrijven in de Belgische technologische industrie, stelt dus dat deze economische evolutie kansen biedt voor iedere sector. Bij productiebedrijven uit de technologische sector zal dat bijvoorbeeld gaan over de verlenging van de levensduur van producten, het hergebruik van goederen en remanufacturing, waarbij ze oude producten opnieuw fabriceren tot ze het even goed doen als een nieuw exemplaar. “Daarnaast geloven wij in de mogelijkheden van nieuwe businessmodellen die gebaseerd zijn op de verschuiving van productbezit naar productgebruik. De fabrikant blijft gedurende de hele rit verantwoordelijk voor zijn product. Op die manier is er een stimulans om producten zo te ontwerpen dat ze langer meegaan en gemakkelijker te herstellen, te hergebruiken en te recycleren zijn.”

Visie 2050
Vlaanderen Circulair is in ieder geval vastberaden om een circulaire economie sterk in de maatschappij te zetten. Het project is een samensmelting van Plan C, Het Vlaams Materialenprogramma en SuMMa. Deckmyn: “De Vlaamse Regering heeft ons in het kader van haar Visie 2050 aangesteld om de circulaire economie als transitieprioriteit door te zetten.”

 

Qua recyclage en afvalsortering zitten we bij de beste leerlingen van de klas

 

Financieel duwtje in de rug
Binnen die visie wil men tegen 2050 een kantelpunt bewerkstelligen waarbij bedrijven stilaan afstappen van een lineaire model. Om die bedrijven te motiveren, werd een open call subsidieoproep gelanceerd. Hierbij beperkten ze zich niet enkel tot de grote bedrijven of industrieën, maar nemen ze ook de kleinere kmo’s mee in het verhaal. Minister van Omgeving Joke Schauvliege maakt hierbij 1,7 miljoen euro vrij voor circulaire economieprojecten. Sam Deckmyn: “Het verbaasde ons dat we finaal 134 innovatieve projecten binnenkregen. Hierbij gaan we nu afwegen of we ze een financieel duwtje in de rug kunnen geven. Sommige projecten kunnen tot 100.000 euro subsidie krijgen. Niet slecht om te starten. Het feit dat we een goede respons kregen op die oproep bewijst dat de sector wel duidelijk bezig is met de economische transitie.”

Aan de slag
Helen Versluys ziet in een circulaire economie alvast één van de prioriteiten om onze planeet te handhaven: “Wetende dat grondstofvoorraden eindig zijn, dat de vraag naar grondstoffen alsmaar toeneemt en dat de ontginning ervan een zware impact heeft op onze planeet, is in het huidige lineaire model niet vol te houden. In de toekomst is het dus de bedoeling materialen continu in gebruik te houden. Technische materialen, zoals metalen en polymeren, worden zo gemaakt dat ze gemakkelijk opnieuw ingezet kunnen worden en dit met zo weinig mogelijk energie en met behoud van kwaliteit. Hierdoor besparen we op kostbare grondstoffen en verminderen we onze CO2-uitstoot.” En minder CO2 uitstoten, is een belangrijke stap naar een betere wereld voor de volgende generatie. Aan de slag dus.