Zeg ‘Charlotte Leysen’ en misschien zal niet iedereen meteen weten wie je bedoelt. Zeg ‘die blonde spring-in-‘t-veld van Ketnet’ en je krijgt een glimlach van herkenning. Ze is mateloos geliefd bij kinderen, en die liefde is wederzijds. Maar daarnaast heeft Charlotte ook een serieuze boon voor beestjes.

Al tien jaar lang heeft de familie Leysen – vader, moeder, Charlotte en haar twee broers – een familiedier. Meer bepaald Fleurtje, de mopshond. Destijds uit een asiel geplukt, en nu onlosmakelijk met het gezin verbonden. Charlotte Leysen woont intussen alleen op een appartement, maar is nog altijd verzot op haar Fleurtje.

“Ik ga nog regelmatig langs bij mijn ouderlijke huis in Schoten. En als ik mijn auto parkeer, claxonneer ik twee keer, zodat Fleurtje weet dat Ch  arlie daar is. Haar herkenning en enthousiasme als ik binnen kom – ze kwispelt en blaft dat het een lieve lust is  –is telkens volop genieten. Als ik op vakantie ben of langere tijd niet thuis kom en Facetime met mijn ouders, vraag ik altijd om ook Fleurtje even ‘aan het woord’ te laten. We hebben trouwens ook een groeps-Whatsapp met het gezin, en ik betrap me er soms op eerder te vragen hoe het met Fleurtje gaat dan met de andere gezinsleden (lacht).”

©Thomas Shurmans
©Thomas Shurmans

 

Of Fleurtje ook negatieve eigenschappen heeft? Ja, ze snurkt

 

Hoe is Fleurtje eigenlijk bij jullie terecht gekomen?
“De rechtstreekse aanleiding was mijn broer. Die had destijds een heilige schrik voor inbrekers. Mijn ouders redeneerden: als we een hond in huis halen, zal hij zich veiliger voelen. De eerste twee jaar heeft Fleurtje effectief bij mijn broer op de kamer geslapen, tot hij van die schrik verlost was. Daarna is ze pas echt de familiehond geworden. Vandaag bindt Fleurtje ons nog altijd aan elkaar. Ze slaapt nu beneden, en mijn mama zorgt er het meest voor – zeker wat de minder aangename klusjes betreft (lacht).”

Waar hebben jullie Fleurtje gevonden?
“In het asiel. Daar zat een heel nest van die mopshondjes. Toen mijn papa aan het raam kwam, sprongen alle beestjes op, behalve eentje dat onder de lamp bleef liggen – een heel fragiel en klein exemplaartje dat gewoon om liefde smeekte. Meteen het signaal om net die te kiezen en met liefde te overladen. Mijn broer mocht de naam kiezen, omdat de hond ten slotte voor hem in huis werd gehaald. Maar mij heeft het beestje ook flink geholpen hoor, want tot de komst van Fleurtje was ik bang voor honden. Vanaf de dag dat ze in huis kwam, heb ik ze in mijn hart gesloten: niets om bang voor te zijn, zo’n puppy!”

©Thomas Schurmans
©Thomas Schurmans

 

Het was wel een aanpassing om mijn glittertrui en bottines in te ruilen voor laarzen en thermisch ondergoed om in een paardenstal te gaan staan

 

Maar waarom een mopshond, als jullie vooral op zoek waren naar een hond om ‘je broer te beschermen’?
“Ah ja, omdat het zo’n lief, trouw sociaal en aanhankelijk ras is – mopshondjes houden enorm van gezelschap. Liefde op het eerste gezicht was het bij mijn papa. Maar ik denk dat er onbewust ook iets anders heeft meegespeeld: achteraf gezien bleek Fleurtje gewoon perfect aan te sluiten bij wie wij zijn. We zijn als gezin niet van de grootste, maar we nemen wél graag de touwtjes in handen. Net zoals Fleurtje: toen we die in de vakantie achterlieten bij een mevrouw die honden opving, was het de onze die meteen de leiding nam, hoe groot de andere honden ook waren. Fleurtje is dus gewoon een Leysen: klein en leidinggevend, iemand die zich niet laat doen. Ze zeggen wel eens dat honden gelijken op hun baasjes: in ons geval klopt dat volledig. Of Fleurtje dan ook negatieve eigenschappen heeft? Ja, ze snurkt (lacht). Dat komt omdat mopshondjes zo’n kleine neusgaatjes hebben. Daarom heeft ze ook nooit bij mij op de kamer gelegen.”

Die band tussen de hond en je kleine broertje toont toch weer aan hoe close kinderen en dieren kunnen worden.
“Klopt, ik heb dat ook gemerkt tijdens de opnames van het programma Klein Gespuis, waarin ik gezinnen en kinderen volgde waarvan het huisdier zwanger was. Zo was er een meisje dat een Shetland-pony had. Het eerste wat ik dacht: ‘Hoe kan je nu een band opbouwen met een paard? Dat kan tocht niet in de zetel liggen zoals mijn hondje?’ Onterecht natuurlijk, want dat meisje bleek vaak te gaan wandelen met haar pony en praatte ertegen wanneer ze zich minder goed voelde. Ze kon haar verhaal kwijt bij haar dier, en dat was het belangrijkste. Mooi om te zien.”

Je woont nu in een appartement in Antwerpen. Heb je daar huisdieren?
“Nee, en dat is een bewuste keuze. Een hond zou ik op dit moment bijvoorbeeld nooit nemen: ik heb geen tuin waarin hij kan ravotten, en ik ben te vaak weg om er mee bezig te zijn. Dat wil geen enkel beestje aandoen. Maar mocht ik op termijn in een huis met een tuin gaan wonen, dan neem ik meteen een huisdier. En ik denk dat het ook een mopshondje zou worden, omdat ik intussen zo vertrouwd ben met dat ras.”

 

©Thomas Schurmans
©Thomas Schurmans

Mocht ik op termijn in een huis met een tuin gaan wonen, dan neem ik meteen een huisdier

 

Opnieuw een hond dus. Geloof je dat er zoiets bestaat als honden- en kattenmensen?
“Eigenlijk wel. Hoewel, ik heb nooit een kat gehad, dus ik kan het niet met 100 procent zekerheid zeggen. Maar ik heb niettemin altijd meer voeling met honden gehad. Omdat wij een soort band hebben, denk ik. Met Fleurtje was dat in elk geval zo. Toen ik me als 17-jarige niet goed in mijn vel voelde, kwam ze niet al blaffend en kwispelend aangelopen, maar vleide ze zich gewoon tegen mij aan. Alsof ze wist wat er in mij omging.”

Heb je door het programma Klein Gespuis voeling met andere huisdieren gekregen?
“Ik heb vooral een paar angsten overwonnen! Zo was ik heel bang voor muizen en kon ik niet begrijpen waarom mensen die als huisdier zouden houden. Maar tijdens de opnames heb ik er een paar over mijn arm laten lopen en uiteindelijk viel dat wel mee. En ik ben ook verrast geweest door enkele heel bijzondere initiatieven: zo was er een meisje dat zich gedurende twee maanden lang had geëngageerd om voor een verzwakte, aangespoelde zeehond te zorgen, goed wetend dat ze er, eens hij aangesterkt was, afscheid van zou moeten nemen. En dat afscheid was effectief behoorlijk pijnlijk.”

 

©Thomas Schurmans
©Thomas Schurmans

Fleurtje, onze mopshond, is een echte Leysen: klein en leidinggevend

 

Waarom zijn ze voor dat programma eigenlijk bij jou terecht gekomen als presentatrice?
“Ik denk omdat ik Fleurtje al een paar keer naar presentatieopnames had meegenomen, en kinderen dus wisten dat ik dol was op mijn hondje. Nu, het was sowieso wel een aanpassing hoor, om mijn glittertrui en bottines in te ruilen voor laarzen en thermisch ondergoed om in een paardenstal te gaan staan (lacht). Maar wel leuk: het was de eerste keer dat ik reality tv maakte, dus zonder scenario. Ik moet zeggen dat ik echt dichter naar huisdieren in het algemeen ben toegegroeid. Hoewel het ook vloeken was, want beesten doen voor de camera nooit wat je wil dat ze doen. Liep er eentje weg, dan moesten wij er met de camera achteraan (lacht).”

Veel mensen nemen bewust geen huisdier, omdat ze het onvermijdelijke afscheid niet zouden aankunnen. Fleurtje is tien jaar …
“… terwijl mopshondjes gemiddeld zo’n twaalf jaar worden. Ik weet het, dat komt dichterbij. Je merkt het ook: ze wordt wat lomer en slaperiger, minder springerig en energiek. Enkele weken geleden had ze een ontsteking aan de maag, en dat was wel schrikken. Ik zal het er heel moeilijk mee hebben als ze ooit komt te gaan – ik zal Fleurtje echt hard missen. Maar ja, het zal ooit gebeuren. The circle of life, hé. Maar zolang ze hier nog is, ga ik er van genieten. Liefst nog zo lang mogelijk!”