In samenwerking met

Carl Veys, voorzitter van Traxio

De bedrijfswagen. Voor diegenen die erover beschikken, is het een erg gewaardeerd transportmiddel als onderdeel van hun loonpakket, voor anderen de oorzaak van alle verkeersellende. Maar het hoeft niet zo zwart-wit te zijn. De oplossing volgens mij? Een écht mobiliteitsbudget.

Oefening in geduld
Het is maandagnamiddag. Ik ben onderweg naar een meeting in onze hoofdstad en schuif traag vooruit in de gebruikelijke accordeonfile. Vakantie- en stakingsdagen zijn een aangename verademing voor onze gesatureerde wegen. Wie zich richting Brussel of Antwerpen moet verplaatsen, kan maar beter over een goede portie geduld beschikken. Ze prijken jammer genoeg allebei in de Europese top 5 van steden met de hoogste filedruk. Hoe is het zo ver kunnen komen?

Vertrouwde company car
Sommige kwatongen beweren dat alle schuld bij de bedrijfswagen ligt en zweren erbij dat deze moet worden afgeschaft. Maar hoe zullen alle werknemers zich dan naar hun werk verplaatsen zonder hun vertrouwde company car? Uit onderzoek blijkt dat een overgrote meerderheid dit met een – evengoed vervuilende – privéwagen zal doen.

Cash for car…?
Wat dan te zeggen over het recente initiatief van onze beleidsvoerders om de mogelijkheid te creëren de bedrijfswagen om te ruilen voor nettoloon, de ‘cash for car’? Ook dit zal de files niet korter maken. Slechts 5 procent blijkt bereid om zijn auto in te leveren en zich op een alternatieve manier naar zijn werk te begeven.

Een gebruiksvriendelijke toepassing van het mobiliteitsbudget is een nieuwe opportuniteit voor alle spelers in de fleet- en leasingmarkt Carl Veys

Is kiezen voor een status quo en het behoud van het systeem van de bedrijfswagen dan niet het eenvoudigst? Misschien wel, maar dan wordt niet tegemoetgekomen aan alle frustraties die hierrond circuleren.

Naar een écht mobiliteitsbudget
Wat is dan wél de beste oplossing? Samen met TRAXIO geloof ik in ieder geval voor de volle 100 procent in een écht mobiliteitsbudget, dat de vrije keuze laat aan de titularis om zijn professionele mobiliteitsbehoeften in te vullen zoals hij het wil. De werknemer krijgt maandelijks een bedrag toegewezen dat hij zelf kan uitgeven naar eigen goeddunken. Wil hij zijn mobiliteitsbudget volledig spenderen aan een bedrijfswagen, dan is dat zijn goed recht. Maar hij kan evengoed kiezen voor een kleinere auto en het resterende bedrag gebruiken voor andere mobiliteitsdiensten zoals het openbaar vervoer, de parking, de deelfiets… Of de auto zelfs helemaal links laten liggen.

Geen kostenverhoging
Voor de werkgever brengt de overstap van een bedrijfswagen naar het mobiliteitsbudget geen kostenverhoging met zich mee. Extra administratieve last kan vermeden worden door het vrij te besteden saldo op een mobiliteitskaart onder te brengen, makkelijk te beheren voor alle partijen.

Sturend effect op mobiliteit
Bovendien heeft het échte mobiliteitsbudget een ander groot voordeel. Het heeft een sturend effect op de mobiliteit. De gebruikers blijken vaak te zullen kiezen voor iets kleinere – en dus milieuvriendelijkere – voertuigen en ook vaker te opteren voor multimodaliteit. Gevolg: minder files én een bonus voor het milieu.

Last but not least: een gebruiksvriendelijke toepassing van het mobiliteitsbudget in de praktijk is een nieuwe opportuniteit voor alle spelers in de fleet- en leasingmarkt. Waar wachten we nog op?