Bier en frieten, dat zijn de producten waarvoor wij Belgen wereldwijd gekend zijn. Producten waar we zelf ook terecht trots op zijn. Iets minder toegankelijk misschien, maar aan dat rijtje mogen medicijnen direct worden toegevoegd.

Wereldwijd staat België op een tweede plaats als het gaat om het aantal geteste medicijnen per inwoner. Ieder jaar weer is het een nek-aan-nekrace om de eerste plaats met Denemarken. In absolute zin, als het gaat om klinisch onderzoek, gaat enkel de Verenigde Staten België en Denemarken vooraf. Om maar te zeggen dat we een absolute grootmacht zijn op het gebied van ontwikkelen van medicijnen en dat al decennia lang. Maar hoe komt dat eigenlijk?

Gunstig klimaat voor onderzoek
“Daar zijn meerdere, historische redenen voor”, weet Stefaan Fiers van Pharma.be. Zijn organisatie vertegenwoordigt 130 farmaceutische bedrijven die actief zijn in België en overlegt namens hen met de overheid en andere betrokkenen. “In het buitenland hebben we altijd een zeer goede reputatie gehad op het vlak van onderzoeksinstellingen. Voor de farmaceutische sector is de nabijheid van goede onderzoeksinstellingen namelijk zeer belangrijk. In de jaren ‘50 en ‘60 heeft de overheid belangrijke investeringen gedaan om nog meer onderzoek aan te trekken en te stimuleren. Zo is er sindsdien een zeer gunstig fiscaal klimaat voor onderzoekers.”

 

Mensen die in het reguliere circuit uitbehandeld zijn, kunnen overleven dankzij middelen die nog niet verkrijgbaar zijn Stefaan Fiers

 

Internationaal geroemd
Vanaf dat moment is de farmaceutische industrie dan ook enorm gegroeid in België. Naast het financieel gunstige klimaat en de kwaliteit van de onderzoekscentra, wordt ook de snelheid en grondigheid van klinisch onderzoek internationaal geroemd. “Wij hebben een hele korte goedkeuringsperiode voor zogenaamde fase 1 studies”, aldus Fiers. “Dat zijn de eerste studies van geneesmiddelen met de medewerking van – veelal gezonde – proefpersonen. Als farmaceutische bedrijven op die manier 15 dagen kunnen winnen, dan kan het medicijn sneller tot bij de patiënt worden gebracht.”

Sillicon Valley van pharmacie
Die internationaal geroemde farma-industrie trekt niet alleen bedrijven, maar ook specialisten en onderzoekers uit het buitenland aan. Christian Duby is een van hen. 26 jaar geleden kwam hij vanuit New York naar Brussel. Hij studeerde er aan de Vrije Universiteit en is gebleven. Nu werkt hij als directeur klinische operaties bij Pfizer, een van de grote multinationals met een grote onderzoeksafdeling in België. “België is eigenlijk het Silicon Valley van de farma-industrie”, vertelt hij. “De samenwerking tussen de onderzoekscentra, overheid, academische wereld, specialisten, patiënten en patiëntenorganisaties is wat dit land uniek maakt voor de farmaceutische industrie.”

 

Er zijn een aantal zeer interessante moleculen die kanker moeten helpen bestrijden waarmee we steeds verder komen in ons onderzoek Christian Duby

 

Medisch voordeel voor België
Dat de sector uniek is, en dus in trek, merk je ook aan de 35.000 mensen die werkzaam zijn in de farma-industrie, die voor 41 miljard euro per jaar exporteert. “Het is het kroonjuweel van de Belgische economie”, zegt Fiers en benadrukt tegelijkertijd het medische voordeel dat ons land geniet door de aanwezigheid van de farma-industrie. De geneesmiddelen in de testfase kunnen namelijk al levens redden. “Mensen die in het reguliere circuit uitbehandeld zijn, kunnen overleven dankzij middelen die nog niet verkrijgbaar zijn”, aldus Fiers. “Omdat het klinisch onderzoek hier plaatsvindt, hebben Belgen eerder toegang tot de testprogramma’s.”

Nieuwe moleculen in de strijd tegen ziektes
Duby en z’n team werkten mee aan de eerdergenoemde fase 1 onderzoeken. Zij zien als eersten de effecten van nieuwe geneesmiddelen op proefpersonen. Hij is enthousiast over de vooruitgang die wordt geboekt op verschillende vlakken. “Op het vlak van oncologie bijvoorbeeld”, vertelt hij. “Er zijn een aantal zeer interessante moleculen die kanker moeten helpen bestrijden waarmee we steeds verder komen in ons onderzoek. Daarnaast werken we ook aan moleculen die kunnen helpen bij de behandeling van Alzheimer, Parkinson of cardiovasculaire ziekten. Voor veel ziektes of problemen waarvoor een er een hoge medische nood bestaat, werkt Pfizer aan de ontwikkeling van een geneesmiddel.”

Van dodelijk naar chronisch
De kans bestaat dus dat het middel dat ervoor gaat zorgen dat kanker in de toekomst niet langer een dodelijke, maar wel chronisch ziekte wordt, mee op Belgisch grondgebied is ontwikkeld. Fiers: “We zullen in ieder geval een belangrijke bijdrage hebben geleverd.”