Mobiliteit, energie, betaalbaar wonen, veiligheid… de verwachte bevolkingsaangroei brengt voor de steden in ons land ook een hoop uitdagingen met zich mee. Hoe pakt men dit aan in Antwerpen, de grootste stad van Vlaanderen? “Het sociologisch profiel van de stadsverlaters speelt ons nog altijd parten.”

Al bijna vier jaar is Bart De Wever (N-VA) de Antwerpse burgervader, daarmee zit hij al een stuk over de helft van zijn mandaat. Wat niet wil zeggen dat hij al aan “uitbollen” denkt, toekomstplannen heeft hij nog in overvloed. Maar laten we eerst even naar het verleden kijken.

Als u één of twee decennia terugkijkt, hoe is Antwerpen vandaag dan veranderd?
“Net als de meeste andere Belgische steden kende Antwerpen al van kort na de Tweede Wereldoorlog een stadsvlucht. Die hebben we nu gelukkig grotendeels kunnen stoppen, maar de gevolgen daarvan dragen we nog altijd, denk bijvoorbeeld aan de problemen met mobiliteit omdat iedereen vanuit de rand naar de stad komt werken. Tegelijk is onze bevolking zowel grijzer als jonger geworden en diverser. Dat zijn mensen die we allemaal moeten herbergen en deugdelijk onderwijs moeten geven. Die bevolking heeft tegenwoordig natuurlijk ook heel andere verwachtingen over woonkwaliteit dan vroeger, wat dan weer betekent dat we ons oude woonareaal moeten upgraden.”

 

Soms vond ik Singapore een beetje té goed georganiseerd en té proper

 

©Thomas Schurmans
©Thomas Schurmans

Is de stadsvlucht nu achter de rug?
“Grosso modo is er een surplus. De bevolking neemt toe, zowel door een positief bevolkingssaldo als door een positief verhuissaldo. Alleen: het sociologisch profiel van de mensen die de stad verlaten, is nadelig. Het zijn nog altijd de dertigers en veertigers met jonge kinderen die naar de rand trekken. Zij vormen de ruggengraat van ons stedelijk weefsel, al was het maar omdat zij voor een goed stuk instaan voor onze fiscale capaciteit. is al jaren aan het zakken. Vroeger zat Antwerpen een goed stuk boven het Belgische gemiddelde, wat betekende dat we vooral rijke inwoners hadden. Nu zitten we er een flink stuk onder.”

Is dat de beruchte “witte vlucht” waar het vaak over gaat?
“Niet eens, want wat zien we? Zodra allochtone bewoners zich tot de middenklasse opwerken, doen zij net hetzelfde. Zij volgen de autochtonen naar de buiten. En dat is een kwalijke evolutie.”

Hoe kan u hen in de stad houden?
“Ha, dat is dé vraag, natuurlijk. Er zijn daar ook geen tovermiddelen voor. Ik geloof alvast niet in dwingende maatregelen. Je kunt plannen maken om de stad zo aangenaam en leefbaar mogelijk te maken, maar dwingen zal nooit lukken. Dat gezegd zijnde, er zijn natuurlijk wel een paar zaken die goed moeten zitten om een stad attractief te maken. Mobiliteit is zeker een van die zaken. Wat ook niet wil zeggen dat je de auto moet verbannen. Want als je de auto uit de stad verbant, verban je ook de auto-eigenaar. Ten tweede: de kwaliteit van ons onderwijs. De colleges in de stadsrand boomen omdat zij een soort kwaliteitsaura hebben. Dat moeten wij in de stad ook krijgen en daarvoor investeren we enorme bedragen in onderwijs – hoewel dat eigenlijk een Vlaamse bevoegdheid is – deze legislatuur zo’n 165 miljoen euro aan investeringen alleen. En ten derde: veiligheid. Mensen moeten zich gerust voelen in hun stad. We geven de politie daarvoor de nodige ruimte en dat werkt: de criminaliteit daalt al jaren op rij.”

 

Mobiliteit, onderwijs en veiligheid, met die zaken wordt een stad veel aangenamer en leefbaarder

 

Als u de mensen in de stad wil houden, moeten ze natuurlijk ook betaalbaar kunnen wonen.
“Dat is zo en de marktwerking zorgt soms voor zeer stevige prijzen. Nu pas op, vergeleken met veel buitenlandse steden zijn we nog altijd goedkoop. Ga maar eens in Londen of Parijs kijken. Ik denk dat we die marktwerking daar voor een stuk moeten beïnvloeden, simpelweg door het aanbod te stimuleren. Ik kan u alvast melden dat het aantal bouwaanvragen vorig jaar dertig procent gestegen is. Tegelijk denk ik dat we ook mensen moeten sensibiliseren om hun behoefte aan te passen. We zullen in de toekomst met z’n allen wat kleiner moeten gaan wonen, ik vrees dat het anders niet zal lukken.”

Niet alleen de publieke infrastructuur wordt belangrijker, ook de digitale. Antwerpen wil graag een hub worden voor start-ups en digitale bedrijfjes. Waarom?
“Omdat het oude economische model waar Antwerpen groot mee geworden is, de haven, de retail, de chemie… onder druk staat. We moeten dus mee stappen in die digitale transitie of we krijgen klappen. En tegelijk moet die nieuwe sector de ‘oude’ sector bevruchten. Antwerpen moet in dat proces facilitator spelen: met bijvoorbeeld accelaratoren en goedkope kantoorruimte voor innovatieve bedrijfjes, maar ook met de stad aan te bieden als proeftuin. Met het Internet of Things willen we dat concreet maken. We gaan de stad vol sensoren zetten en bedrijfjes die een goed idee hebben, kunnen dat hier komen uitwerken. Pas op, ik weet ook wel dat we tegen steden als Londen of Berlijn of Tel Aviv niet kunnen opboksen. Maar dat hoeft ook niet. Dat zijn steden die bijna in alles goed zijn. Wij moeten onze eigen niche vinden waarin wij sterk kunnen worden. En dan komt die Internet of Things om de hoek kijken.”

 

Zodra allochtone bewoners zich tot de middenklasse opwerken, volgen zij de autochtone bevolking ook naar de buiten. En dat is een kwalijke evolutie

 

En dat zal economische kansen meebrengen?
“Absoluut. Wat dat betreft, ben ik zéér optimistisch. Natuurlijk zijn er uitdagingen, zoals de mismatch op de arbeidsmarkt, waardoor te veel laaggeschoolden uit de boot vallen. Maar als we die kunnen overwinnen, zullen de digitale revolutie en de smart city voor een nieuwe Gouden Eeuw zorgen, daar ben ik rotsvast van overtuigd. The best is yet to come.”

Wat zijn uw favoriete steden om in te vertoeven?
“Is dat een vraag die je een Antwerpenaar moet stellen (lacht)? Wel, ik vond Singapore een zeer aangename stad. Het is een megahub die toch een enorme levenskwaliteit biedt. Soms dacht ik zelfs dat het een beetje té goed georganiseerd en té proper was. Ik kreeg er bijna een Big Brother-gevoel. Aan de andere kant is ook New York fantastisch. Het is veel meer een rommeltje dan Singapore en de publieke infrastructuur is er veel poverder, maar de vibe die er hangt, is geweldig.”

©Thomas Schurmans

Als Bart De Wever geen politicus was geworden, dan was hij…
“Het stond min of meer in de sterren geschreven dat ik dan een academische carrière zou maken, waarschijnlijk als professor Geschiedenis, zoals mijn broer. De politiek is eigenlijk iets wat me ook maar overkomen is. In het begin dacht ik nog dat het avontuur rap gedaan zou zijn, maar kijk, we zitten er nog (lacht).”